Vous êtes sur la page 1sur 2

Typering van de groep

Tom van Rijswijk


Klas 1C
Inleiding
Om tot deze typering te komen ben ik in gesprek gegaan met mijn mentor, heb ik
gesproken met de stagiaire die voor mij in deze klas stond en heb ik de
sociogram die aan het begin van het jaar gemaakt is bekeken. Daarnaast heb ik
ook mijn eigen bevindingen die ik door te observeren heb opgedaan gebruikt.
A.
Ik loop het tweede semester stage in groep 3 van basisschool De Zevensprong in
Best. In deze klas zitten 28 kinderen, 15 jongens en 13 meisjes. De kinderen
hebben een leeftijd van 6 en 7 jaar.
B.
In de klas zitten drie kinderen die zijn blijven zitten, zij hebben extra gekleuterd.
De klas is al een klas vanaf het begin van dit nieuwe schooljaar, augustus 2014.
Er is weinig groepjesvorming in de klas. Iedereen heeft natuurlijk wel zijn
vriendjes en vriendinnetjes of kinderen met wie ze minder graag spelen maar er
worden in de klas geen kinderen gepest of bewust buitengesloten.
C.
Het is in deze klas erg belangrijk dat de kinderen zichzelf kunnen zijn en dat je
iedereen moet accepteren zoals die is. Er hangen vijf Jip en Janneke-borden in
de klas met daarop normen en waarden zodat de kinderen weten hoe ze met
elkaar om moeten gaan. De sfeer in de groep is goed, de kinderen zijn
enthousiast, leergierig en kunnen al goed samenwerken.
D.
Er zijn sociaal emotioneel gezien nog geen grote aantoonbare verschillen in de
klas. Er zijn er wel bij die zich moeilijker kunnen concentreren dan een ander,
deze kinderen zitten dan ook altijd vooraan in de klas.
Cognitief gezien zijn de verschillen in deze groep 3 al redelijk groot. De kinderen
zijn nog voornamelijk bezig met taal en rekenen. Er wordt bij taal (soms) en
rekenen wel al les gegeven in clusters. Bij taal wordt vaak klassikaal les gegeven
maar soms wordt er ook geclusterd. Dan blijft de basisgroep voor taal in de klas
en gaat er een kleiner groepje mee naar de gang onder begeleiding van een
andere leerkracht. Bij taal wordt er ook bij sommige opdrachten een verlengde
instructie gegeven voor een kleine groep die moeite heeft met de stof. Op het
gebied van rekenen wordt er dus altijd gewerkt met clusters. De basisgroep krijgt
klassikaal les. En de andere groep krijgt les in een kleiner groepje. In deze groep
zitten de kinderen die moeilijker rekenen of die zich in de klas minder goed
kunnen concentreren. Er zit in die groep ook iemand die niet goed hoort en

daardoor beter functioneert in een kleiner groepje. Zij zit tijdens reguliere lessen
ook voor in het midden zodat ze het beter kan horen.
Qua rolverdeling valt er nog niet heel veel te zeggen over deze klas. Er zijn wel
twee jongens, beste vrienden van elkaar, die een beetje een leidersrol in de klas
hebben. Zij nemen initiatief en hebben de lachers op hun hand. De rest van de
klas volgt hen vaak ook. Je zou hen kunnen zien als gezagsdragers (Van Engelen,
2007).