Vous êtes sur la page 1sur 2

Algemene Economie

Meso Economie
Marijs en Hulleman Algemene economie Bij Meso economie wordt er gekeken naar de bedrijfstak. Vaak zijn hier kleine marges en grote volumes van toepassing. Door marktonderzoek kan er gekeken worden of er veel concurrentie is en of de toetredingsbarrires hoog zijn. Bepalen of je te maken hebt met meso, macro of micro economie.

Concurrentie-intensiteit
Marijs en Hulleman Algemene economie Bij de concurrentie-intensiteit wordt er gekeken of de concurrentie groot of klein is. De concurrentie-intensiteit bestaat uit 3 onderdelen: intern, extern en potentieel. Bij intern gaat het om de concurrentie tussen de bedrijven in dezelfde bedrijfstak. Bij extern wordt er gekeken naar de macht van leveranciers en afnemers. Bij de potentile concurrentie wordt er gekeken naar de macht van nieuwe toetreders en substituten. Als je de concurrentieintensiteit weet, weet je hoe groot je onderhandelingsruimte is. Je gebruikt het om te kijken hoe de concurrentie is

Factoren van invloed op concurrentie-intensiteit


Marijs en Hulleman Algemene economie De concurrentie intensiteit kan door aan aantal factoren benvloed worden, denk hierbij aan de vraag en de kosten. Ook wordt er gekeken welke sectoren gevoelig zijn voor een vraagdaling. Op de korte termijn zal bij een vraagdaling de concurrentie intensiteit stijgen. Winkels gaan de prijzen verlagen waardoor de concurrentie stijgt. Op de langere termijn zal bij een vraagdaling de concurrentie intensiteit dalen, omdat er meer faillissementen zijn. Sectoren die echt conjunctuurgevoelig zijn is de verzadigde markt, automarkt, bouwmarkt enzovoort. Als we kijken naar de kosten dan kun je het verband van de kosten en de concurrentie intensiteit bekijken door te kijken naar de kosten structuur, de proportionele of af- en toenemende variabele kosten en het verschil in gemiddelde kosten tussen ondernemingen. Als een bedrijf hoge vasten kosten heeft moeten ze de bezettingsgraad op peil houden door bij een vraagdaling de prijs te laten dalen. Bepalen hoe de concurrentie-intensiteit benvloed kan worden.

SGR Model
Marijs en Hulleman Algemene economie SGR staat voor structuur, gedrag en resultaten. Met het SGR model kun je de markt overzichtelijk in kaart brengen. Daarnaast kun je de dynamiek in de markt aangeven. Het wordt duidelijk waar een bedrijf staat en waar ze naartoe gaan. Bij de S wordt er gekeken naar de omstandigheden. Is er veel of weinig vraag, zijn de prijzen wel of niet doorzichtig enzovoort. Bij de G wordt er gekeken naar het gedrag van een bedrijf. Gaan ze de concurrent

aftroeven of gaan ze meer service bieden. De R van resultaat laat zien wat er mee wordt verdiend. Te gebruiken bij het in kaart brengen van de markt en dynamiek in de markt aangeven.

Instabiel versus Stabiel evenwicht.


Marijs en Hulleman Algemene economie Als de vraag toeneemt kan er een stabiel of onstabiel evenwicht plaatsvinden. Een instabiel evenwicht treedt op bij een inelatische vraag in combinatie met een aanbod dat traag reageert. Het is van belang dat de inkoper daar rekening mee houdt. het aanbod reageert vertraagd en dat kan de productie belemmeren. Komt vaak voor in de agrarische sector, ook wel de varkenscyclus genoemd. Te gebruiken bij het herkennen van een stabiel en instabiel evenwicht.

Overheidsinvloed
Marijs en Hulleman Algemene economie De overheid benvloed de concurrentie intensiteit tussen bedrijven. Dit doen ze onder andere door minimum en maximumprijzen op te stellen. Door bijvoorbeeld een maximumprijs op te stellen komt de prijs van een product onder het evenwicht te liggen. Dit leidt tot een vraagoverschot omdat mensen tegen die prijs veel van het product gaan vragen en aanbieders gaan niet zoveel produceren, omdat ze er niet zoveel op kunnen verdienen. Daarnaast kan de overheid invloed uitoefenen door bijvoorbeeld accijnzen vast te stellen voor sigaretten en benzine. De overheid wil dat de consumptie van deze producten verminderd. Het ligt eraan of de vraag elastisch of inelastisch is of de producent de accijns wel doorberekent of niet. Bij een inelastische vraag zal dit wel gebeuren, want mensen zijn aan het product gebonden en kopen het toch wel ongeacht de prijs. Te gebruiken bij het inschatten van de overheidsinvloed op de concurrentie intensiteit