Vous êtes sur la page 1sur 5

InSite Consult BV Parkmanagement

Visie op Parkmanagement

Na het verschijnen van de Kabinetsnota “Milieu en Economie” in 1997 zijn


verduurzaming van bedrijventerreinen en Parkmanagement als beheersinstrument in
toenemende mate in de belangstelling komen staan van bedrijven en overheden.

InSite
InSite Consult is gespecialiseerd in de begeleiding van verduurzamingsprocessen en de
invoering van Parkmanagement op bedrijventerreinen. Middels deze brochure trachten wij

e Consult BV Parkmanagement
u een inzicht te geven in de processen rond verduurzaming en Parkmanagement, alsmede
onze visie daarop.

Verduurzaming
Een bedrijventerrein wordt duurzaam genoemd wanneer door
bedrijven onderling of in samenwerking tussen bedrijven en
overheden maatregelen worden genomen die leiden tot
bedrijfseconomisch rendement voor bedrijven, gekoppeld aan
reductie van milieubelasting en intensiever gebruik van ruimte.
Verduurzaming richt zich derhalve op de synergie tussen
economie en ecologie.

Verduurzaming kent een tweetal aangrijpingspunten:


ƒ Bedrijfsprocessen: ondernemingen passen hun bedrijfsprocessen aan of werken
met elkaar samen om te komen tot duurzame oplossingen.
ƒ Bedrijventerreinen: Gemeenten en bedrijven werken samen aan de duurzame
opzet en inrichting van complete bedrijventerreinen (bestaand en nieuw).

Parkmanagement
In onze visie betreft Parkmanagement niet meer en niet minder dan het operationele
beheer, de exploitatie en de ontwikkeling van een bedrijventerrein, op een ambitieniveau
zoals dat is afgesproken en wordt gedragen door de bij het bedrijventerrein betrokken
partijen. (gemeenten, bedrijven, financiers, ontwikkelaars en anderen).
Het operationele beheer betreft de levering van ondersteunende diensten aan de
bedrijven met betrekking tot het terreinbeheer, voorzieningen voor bedrijven en
medewerkers, utility management, ontwikkeling van het terrein en de marketing
ervan. De focus van de Parkmanager is gericht op de duurzaamheid, de kwaliteit en
het imago van het terrein als eenheid. De Parkmanager vormt daarmee de verankering
van de duurzame oplossingen middels het beheer en de permanente innovatie van de
bedrijventerreinen.
Hoe kijken wij aan tegen Parkmanagement?

Veranderde focus
Op traditioneel ingerichte bedrijventerreinen is de grond verdeeld over de
bedrijven. Elk bedrijf heeft zijn eigen perceel en bedrijft daar zijn business. Van
structurele samenwerking tussen bedrijven, gericht op economische of
milieutechnische voordelen is vaak geen sprake. Werkelijke samenwerking tussen
overheid en bedrijven(vereniging) komt te vaak niet van de grond vanwege
tegengestelde belangen. Van integraal beheer op het bedrijventerrein is meestal
geen sprake.
Parkmanagement richt zich daarentegen met name op het integrale beheer en de
ontwikkeling van het terrein als geheel en streeft in dat kader naar
samenwerkingsvormen tussen bedrijven onderling en tussen bedrijven aan de ene
kant en de overheid aan de andere kant. Dat integrale beheer komt tot uiting in
het door de Parkmanager op te zetten terreinbeheer, het management van
collectieve faciliteiten voor bedrijven en medewerkers, beheer van energie- en
afvalstromen, de ontwikkeling en professionalisering van het terrein en de
marketingactiviteiten met betrekking tot het terrein.
De Parkmanagementorganisatie die verantwoordelijk is gesteld voor het beheer,
dient dan ook het bindmiddel te zijn tussen belanghebbende partijen. Daarmee
heeft Parkmanagement een toegevoegde waarde ten opzichte van het traditionele
beheer van bedrijventerreinen.

Samenwerking en partnerships tussen alle partijen: win/win


Adequaat ingericht en door partijen
gedragen Parkmanagement levert
aantoonbare voordelen op voor alle
betrokkenen. Een voorwaarde voor
succesvol parkmanagement is dat de
betrokken partijen (meestal Gemeente en
bedrijven) het vooraf eens worden over
visies, ambities en doelstellingen ten
aanzien van de ontwikkeling van het terrein,
en respect tonen voor elkaars (vaak
tegengestelde) belangen.

Het gaat daarbij niet alleen om het bewerkstelligen van samenwerking tussen
bedrijven en gemeente, maar ook tussen bedrijven onderling. Alle partijen moeten
winst kunnen halen uit de samenwerking, in welke termen die winst ook
geformuleerd wordt.

© InSite Consult BV, 2003 2


Drie pijlers onder parkmanagement
Onder de verantwoordelijkheid van het
Parkmanagement wordt op het bedrijventerrein een op
maat gesneden pakket aan maatregelen ( “oplossingen”
of “diensten”) gerealiseerd. In de keuze van in te
voeren maatregelen, maar ook in de visie en ambitie
van de parkmanager wordt het bedrijventerrein op drie
manieren beschouwd:

ƒ Als economisch subsysteem: de inzet van de Parkmanager moet leiden tot


bedrijfseconomisch voordeel voor de bedrijven en de overheid. Voor de
bedrijven zal het voordeel moeten liggen in kosten respectievelijk
opbrengsten en behoud van de waarde van het vastgoed. Voor de
gemeente wordt het voordeel geformuleerd in termen van gemeentelijke
economische ontwikkeling en de spin off die dat heeft naar op diverse
gebieden (huisvesting, scholing, ruimtelijke ordening, onroerend zaak
belasting etc.).
ƒ Als ecologisch subsysteem: de Parkmanager ontwikkelt maatregelen die
leiden tot vermindering van emissies en de reductie van het gebruik van
fossiele brandstoffen. Daarmee wordt een bijdrage geleverd aan de
maatschappelijke verantwoordelijkheid die zowel overheden als
bedrijfsleven hebben met betrekking tot milieu en ruimtegebruik.
ƒ Als sociaal subsysteem: Parkmanagement streeft naar een omgeving waar
de medewerkers van bedrijven graag willen (komen en blijven) werken. Dit
is een vestigingsplaatsfactor van belang, voor overheid en bedrijfsleven.

Er is meer dan alleen nieuwe bedrijventerreinen


De aandacht richt zich momenteel sterk op de duurzame opzet en inrichting van
nieuwe bedrijventerreinen. Winst door synergie tussen economie en ecologie is
echter ook te halen in situaties van revitalisering en herstructurering. Zelfs zonder
dat kan in samenwerking tussen slechts twee bedrijven op een bedrijventerrein, en
op slechts 1 thema reeds voordeel behaald worden uit de toepassing van
parkmanagementconcepten. Parkmanagementprojecten hoeven dus niet per
definitie grootschalig te zijn en duur, maar kunnen ook op kleine schaal worden
opgezet en groeien.

© InSite Consult BV, 2003 3


Starten vanuit het perspectief van de gebruiker
De beste methode om op een succesvolle manier Parkmanagement te realiseren, is
door te starten met het tot stand brengen van draagvlak en ambitie bij de
bedrijven.
Zij zijn uiteindelijk een belangrijke klant van de Parkmanagementorganisatie.
Draagvlak en ambities bij bedrijven worden het best gestimuleerd door in de opzet
van het Parkmanagement uit te gaan van de belangen en doelstellingen van de
bedrijven.

Daarmee wordt ook een ontwikkeling “van onderaf” gestimuleerd, die het voor een
Gemeentelijke overheid gemakkelijker maakt om het proces te faciliteren en er een
rol in te nemen.

Parkmanager als beheerder en als ondernemer


De parkmanager heeft twee rollen. In de eerste plaats acteert hij sterk als
beheerder en regisseur, wanneer het gaat om de collectieve diensten op het
terrein, die door alle bedrijven verplicht worden afgenomen (het basispakket).
Ten aanzien van het basispakket dient de parkmanager bij voorkeur te werken met
tariefstelling op basis van cost-plus, met een transparante tariefstructuur.

Daarmee wordt ook aantoonbaar dat het voordeel van


collectieve maatregelen deels naar de bedrijven vloeit.
De parkmanager is ook in staat te werken met een
beperkte winstopslag over de kosten, omdat hij
verzekerd is van de continuïteit van de dienstverlening
door het verplichte karakter ervan. Voor het basispakket
is meestal de vereniging van eigenaren (al dan niet in
een PPS constructie met de Gemeente in stichtingsvorm)
de opdrachtgever. Voor het optionele pakket aan
diensten is de Parkmanager een echte ondernemer, die
in concurrentie met andere aanbieders van die diensten
kan werken. De individuele bedrijven zijn hier de
opdrachtgever voor de Parkmanager.

© InSite Consult BV, 2003 4


De toekomst van Parkmanagement in Nederland
Parkmanagement in Nederland staat nog in de kinderschoenen. Er zijn nog te
weinig succesvolle implementaties, en aan allerlei deelconcepten wordt druk
gewerkt. Parkmanagement kan zich in de komende jaren ontwikkelen tot een
geaccepteerd beheersinstrument op bedrijventerreinen. Daarvoor dient onder
andere het volgende te gebeuren:

ƒ Gemeenten, bedrijven en bedrijvenverenigingen aan de vraagzijde van de


markt moeten worden gestimuleerd tot het zelf beschikken over voldoende
kennis en ervaring op het gebied van Parkmanagement, waardoor zij een
volwaardige onderhandelingspartner zijn voor de aanbieders van
Parkmanagementdiensten. In dit kader wijzen wij op de onlangs gestarte
post-HBO opleiding “Parkmanagement” aan de Hogeschool InHolland in
Rotterdam. Wij proberen aan de kennisontwikkeling bij te dragen door het
via onze website ter beschikking stellen van een grote hoeveelheid
achtergrondinformatie ten aanzien van Parkmanagementprocessen
(www.insiteparkmanagement.nl).
ƒ De aanbieders in de markt (consultants, ingenieursbureaus, infrastructuur-
bedrijven) dienen ook zelf te investeren in de verdere ontwikkeling van
concepten en aanpakken, die zich in de praktijk hebben bewezen.
ƒ Begripsvorming, ambities en draagvlak bij de bedrijven en hun
belangenverenigingen moeten worden versterkt, zodat de invoering van
Parkmanagement niet langer een topdown Pushstrategie is vanuit de
overheid maar ook een bottomup pullbeweging vanuit de basis gaat
ontstaan. Met name de aanbieders in de markt kunnen op dit punt
bijdragen.
ƒ Parkmanagers moeten worden getoetst op hun geschiktheid voor de functie
en vervolgens worden erkend. Hun competenties moeten worden uitgebreid
en bijgehouden middels opleiding en training. In dit verband wijzen wij op
het bestaan van het Nederlands Register Parkmanagers, onderdeel van de
Stichting Businesspark Belangen, beide gevestigd in Rotterdam. Een van de
directeuren van InSite heeft zitting in het bestuur van de Stichting
Businesspark Belangen.

“Wij participeren in uw ambities”

© InSite Consult BV, 2003 5