Vous êtes sur la page 1sur 3

Lesvoorbereidingsformulier Fontys Hogeschool Kind en Educatie, Pabo Eindhoven

Bron: Didactisch model van Gelder


Student(e)
Lana Brekelmans
Klas
1B
Stageschool Cobbeek
Plaats
Veldhoven
Vak- vormingsgebied: Taal
Speelwerkthema / onderwerp: spellen

Mentor
Datum
Groep
Aantal lln

Monique Hoevenaars
3
19

Persoonlijk leerdoel: Hoe kan ik coperatief leren toepassen in mijn klas?


Lesdoel(en):
De kinderen herkennen de klanken van de specifieke
spellingspatronen.

Evaluatie van lesdoelen:


- De kinderen komen terug in de kring zitten en je stelt de volgende vragen:
- Was het leuk?
- Wat was leuk?
- Wat vond je moeilijk?

Beginsituatie:
De kinderen zijn met lezen bezig met de specifieke spellingspatronen.
De kinderen hebben een lentekwartet in de klas.
Lesverloop
Tijd

Leerinhoud Didactische handelingen


Leraar

Leeractiviteit
leergedrag leerling(en)

Materialen / Organisatie

5 minuten

Inleiding

10 minuten Kern
-

5 minuten

Ik vraag de kinderen in een kring te


Kinderen komen in de kring zitten
gaan zitten.
Kinderen luisteren naar de uitleg en als ze een vraag
ik vertel dat ik een kwartet heb gemaakt hebben steken ze hun vinger op.
voor de kinderen van woorden met
specifieke spellingspatronen (denk
hierbij aan oei, ooi, aai, euw)
ik vraag aan de kinderen of iemand
weet hoe een kwartet moet. Als een
kind zijn vinger opsteekt laat ik het
diegene uitleggen en vul ik aan waar bij
het nodig is.
Als niemand het weet leg ik het spel uit,
dat ze vier kaartjes moeten verzamelen
met dezelfde spellingspatroon.
Dit gaan ze doen in groepjes van vier.
Kinderen gaan in hun groepje zitten en beginnen aan het
Kinderen gaan aan de gang.
spel.
Ik ondersteunt waar nodig is en let op
Als ze iets niet snappen komen ze om hulp vragen.
de uitspraak van woorden.

Slot

Kinderen geven antwoorden op de vragen met een vinger.


-

De kinderen komen terug in de kring


zitten en ik stel de volgende vragen:
Was het leuk?
Wat was leuk?
Wat vond je moeilijk?

Kring
Kwartet

In groepjes
Kwartet

Kring

Verantwoording spellen
Kerndoel 11:
De leerlingen leren een aantal taalkundige principes en regels. Zij kunnen in een zin het onderwerp, het werkwoordelijk gezegde en
delen van dat gezegde onderscheiden. De leerlingen kennen:
- Regels voor het spellen van werkwoorden
- Regels voor het spellen van andere woorden dan werkwoorden
- Regels voor het gebruik van leestekens
Leerlijnen:
- Spelling van woorden met specifieke spellingpatronen, zoals woorden eindigend op nk, -uw, -eeuw, -ieuw, -aai, -ooi, -oei.
Keuze van instructie, strategien en vaardigheden
De instructie geef ik in de kring, dit heb ik gedaan zodat ik kan zien of iedereen een actieve luisterhouding aanneemt. Daarna heb ik
gekozen om de kinderen in hun groepjes te laten zitten zodat ze allemaal het kwartet kunnen uitvoeren.
De keuze van de activiteit die je inzet
Ik heb gekozen voor een kwartet om de stof speelenderwijs aan te bieden. Zo is het voor kinderen een stuk aantrekkelijker om taaie
stof te leren en te automatiseren.
De werk- en groeperingsvormen die je bewust inzet om je doelen te behalen
Ik heb gekozen om het in groepjes te doen zodat elk groepje een kwartet kan spelen, zo hoeven ze niet op elkaar te wachten.
De evaluatievorm die je hebt gekozen
Ik heb gekozen om te evalueren in de kring zodat iedereen betrokken is en een goede luisterhouding aanneemt.