Vous êtes sur la page 1sur 6

Naam: Derynck Daphn

Klas: 1 OAR Bioesthetiek


Lesnr: 4

Leraar: Mevr.
Deschoemaeker

Datum: 15
januari 2016

DEPARTEMENT TORHOUT
Leerjaar: 4 Bio-esthetiek
School: Sint Theresia

Uur: 8u30

Lesopgave

Vak: Vakkennis cultuur


Onderwerp: 1970 -1979

Leerplancitaat:
VVKSO - Brussel D/2013/7841/032 - september 2013
Leerplandoelstellingen
1 de leerlingen beschrijven en situeren de historische achtergrond/tijdgeest van
elke periode
2 situeren geschiedkundige perioden aan de hand van bronnenmateriaal en /of
afbeeldingen
4 bespreken het modebeeld van de opeenvolgende perioden aan de hand van
afbeeldingen
10 ervaren de inhouden en doelstellingen van de lessen stijlleer als nuttig in
het kader van de opleiding

Beginsituatie
Voorkennis:
Vorig les:
Jaren 60

Materiaal:
Het nodige materiaal is
aanwezig in de klas.
De leerlingen brengen zelf
hun cursus mee.

Geraadpleegde literatuur
-

Syllabus Vives, Door dhr. Vantournhout


internet

Varia /
zorgvragen:
16 leerlingen

Bordschema

Jaren 70

Timin
g

Doels
t. Nr.

Leerinhoud

Werkvormen en leeractiviteiten

Klasmanagement

8u30

8u35

Leerlingen gaan bij het 2e belsignaal naar

de klas.
Leerlingen wachten aan de deur.
Leerkracht opent de klas.
Leerlingen gaan naar hun plaats.
Leerlingen nemen hun agenda en cursus.

Rebus
8u35

8u45

Lesbegin
Klasmanagement:
Werkvorm / organisatie:
lkr. geeft opdracht.

Motivatiefase / instap:

-ur
= v
+tig

v=j
-k

m=z
lo

Media

organisatie:
Spelvorm: Rebus
Organisatie:
De leerlingen raden het onderwerp van de les via
een rebus. De rebus hangt uit aan het bord.
Spelregels
De leerlingen krijgen 5 minuten de tijd om deze
per 2 op te lossen. De leerlingen mogen de
oplossing voor zichzelf noteren.
Het eerste duo die klaar is mag het resultaat van
de rebus toelichten.
Afspraken
Wanneer de leerlingen klaar zijn met hun rebus
wachten ze rustig tot iedereen klaar is. De
leerkracht komt deze nakijken.
Als alle leerlingen klaar zijn bespreken we de
rebus en komen zo tot het onderwerp van deze
les.

Rebus

Theorie kunst in de jaren 70

8u45

9u10

Vraagstelling: wat zijn de meest


voorkomende kunststromingen in de jaren
70?
2

1 het hyperrealisme
Objectief en onpartijdig beeld van de
werkelijkheid
- Fotografische weergave van de werkelijkheid
- Moderne samenleving is inspiratiebron
- 'Hard focus realisme': Overdreven scherpe
manier waarop alles wordt weergegeven
- Wazige afbeeldingen ('Soft focus realism')
2 arte povera
Arte povera - letterlijk, 'arme kunst', werd voor
het eerst als stroming aangemerkt in 1967 door
Germano Celant, die ook de belangrijkste
propagandist van de stroming werd.
- De werken werden gemaakt van de meest
eenvoudige materialen, vaak afkomstig uit de
natuur.
Modder twijgjes, lappen stof, vodden, papier vilt
en cement, het werd allemaal gebruikt in een
poging natuur en cultuur te doen samensmelten
als een weerspiegeling van het eigentijdse
leven.
- In lijnrechte tegenstelling tot de minimalisten
verlangden zij naar een zintuiglijke,
gepassioneerde kunst.
3 concept art
Vanaf 1970 komt de Conceptuele kunst als
beweging opzetten.
- de ideen of concepten het echte werk vormen,

Leskern
Lesfase: verwerven + verwerken
Organisatie/werkvorm: Onderwijsleergesprek
a.d.h.v. een Powerpoint
Activiteitsprincipe
Opdracht:
Leerlingen spelen het spel memory:
Fotos van kunstwerken tonen die de bepalende
kunststromingen typeren.
Bij een gevonden duo gaan we de foto verder
toelichten via een onderwijsleergesprek.
Wat zie je?
Wat zijn de kenmerken?
Waar zie je nog zon voorbeelden in onze
hedendaagse cultuur?

Powerpoint
+
Memoryspel

niet het (eventuele) materile resultaat.


4 land art
Een richting binnen de moderne kunst die in het
midden van de jaren 60 opkwam.
- Het is een manier om te ontkomen aan de
traditionele beeldhouwkunst.
- materialen die vreemd zijn aan de natuur.
- Het is een vorm van actiekunst die maar voor
korte tijd gerealiseerd kan worden.
- Land art is vaak grootschalig en wordt meestal
ver van de bewoonde wereld beoefend.

Vraagstelling: wat is kenmerkend aan de


bouwstijl in de jaren 70?

10

9u10

9u20

Hightecarchitectuur = de gebruikte technologie


wordt zichtbaar gemaakt in en rond de structuur
van het gebouw.

Vraagstelling: wat is typerend aan de


opschik van de jaren 70?
Make up? Dag: naturel, nacht: disco!
Wenkbrauwen zo dun mogelijk
Kledij?
- Schoenen met plateauzolen
- Hippie
- Kleur
- Disco
- Kleurrijke make up
- Kleurrijke kledij met verschillende prints

Herhalen van de theorie


Hieraan gelinkt zal een leerling het stukje theorie

Leseinde
werkvorm: leerkracht geeft een opdracht
herhalingsprincipe
Tijdsvoorziening: 10 min
Herhaling via powerpoint
Opdracht: luidop lezen van de cursus door
verschillende leerlingen.

Powerpoint
+ cursus

in de cursus luidop lezen.

Jaren 70