Vous êtes sur la page 1sur 7

Lesvoorbereidingsformulier Fontys Hogeschool Kind en Educatie, Pabo Eindhoven

Bron: Didactisch model van Gelder


Student(e)
Anne van de Lisdonk
Klas
PEH15VA
Stageschool OBS Brandevoort
Plaats
Helmond
Vak- vormingsgebied: Taal
Speelwerkthema / onderwerp: schrijven

Mentor
Datum
Groep
Aantal lln

Linda
7C
28

Persoonlijk leerdoel: Ik wil tijdens deze les aan de volgende leerdoelen gaan werken:
Duidelijke uitleg geven: Ik wil aan het einde van deze periode een duidelijk uitleg kunnen geven aan groep 7. Om dit te bereiken moet ik zorgen
dat iedereen goed oplet tijdens de uitleg en dat ik de stof rustig uitleg.
Orde houden: Ik wil ervoor zorgen dat ik goed orde kan houden tijdens deze spellingsles. Om orde te kunnen krijgen en te behouden ga ik een
aantal regels met de leerlingen afspreken, deze regels zijn als volgt:
- tijdens mijn uitleg is het stil
- als je iets wilt vertellen/vragen steek je je vinger op
- we luisteren naar elkaar
Lesdoel(en):
Evaluatie van lesdoelen:
- De leerlingen hebben aan het einde van de les een tekst
Aan het einde van de les lees ik een tekst voor waarbij de leerlingen hun
geschreven met een probleem en een oplossing.
hand opsteken wanneer ze het probleem horen en de oplossing. Wanneer de
(productdoel)
leerlingen bezig zijn met de volgende les ga ik de schrijfschriften met een rode
- De leerlingen leren om in tweetallen het werk te
pen nakijken. Bij het nakijken let ik erop of ze een goede tekst hebben
reflecteren. (procesdoel)
geschreven waarin 2 problemen voorkomen met de oplossingen. Wanneer de
tekst niet goed is geschreven of er zijn geen 2 problemen geef ik het
De leerlingen zijn deze les bezig met kerndoel 5: de leerlingen
schrijfschrift terug zodat de betreffende leerling het kan verbeteren of
leren naar inhoud en vorm teksten te schrijven met verschillende
aanpassen.
functies, zoals; informeren, instrueren, overtuigen of plezier
verschaffen.

Beginsituatie:
In klas 7C zitten 28 leerlingen, 13 meisjes en 15 jongens. Op school werken ze met de methode taal in beeld. In ieder blok heb je 3 lessen die te
maken hebben met schrijven namelijk les 4,8 en 12. De opdracht van deze les is een verrijking van de stof van eerdere lessen. De leerlingen gaan
vandaag werken aan les 12. Hierbij gaan ze een tekst schrijven met een probleem en een oplossing. De leerlingen hebben in de vorige lessen
steeds opdrachten gemaakt waarin dit terug kwam. Zo hebben ze een aantal teksten moeten lezen en de problemen en oplossingen moeten
onderstrepen. De leerlingen weten goed hoe ze hier mee moeten werken. Daarom zouden ze dit moeten kunnen. De leerlingen schrijven vaker een
tekst (zie les 4 en 8), ze weten dus waar ze op moeten letten. De teksten van groep 7 verschillen heel erg in kwaliteit. Sommige leerlingen
schrijven grammaticaal correct en andere snappen er niet veel van. Bij deze leerlingen help ik extra.
Taal is altijd voor de kleine pauze waardoor de leerlingen niet veel drukker zijn dan normaal. Aan het einde van de les worden ze vaak wat drukker
of onrustiger omdat de pauze eraan komt. Op dit soort momenten gaan ze ook meer praten dan normaal.
Lesverloop
Tijd

Leerinhoud Didactische handelingen


Leraar

Leeractiviteit
leergedrag leerling(en)

Materialen /
Organisatie

+/- 10
minuten

Les en
opdrachten
doornemen

Aan het begin van de les vertel ik de regels die


ik voor mezelf heb gemaakt om beter orde te
kunnen houden (persoonlijk leerdoel). Wanneer
ik dit heb verteld vraag ik aan de leerlingen of
ze weten waar we vandaag aan gaan werken.
Na de antwoorden van de leerlingen ga ik
verder.
Ik kijk samen met de leerlingen naar opdracht
1. Ik vraag aan de leerlingen waar Jayden aan
denkt. Ik vertel dat dit problemen zijn en dat
daar ook oplossingen voor bestaan. Ik kijk
samen met de leerlingen naar de oplossingen
die Jayden heeft opgeschreven. Ik lees het
stukje tekst voor wat er bij de opdracht staat.
Ik doe opdracht 2 en 3 samen met de
leerlingen op het bord.

+/- 20
minuten

Individueel
aan het
werk

Ik vertel dat de leerlingen verder gaan met de


opdrachten in het werkboek. De leerlingen
gaan bij opdracht 10 een tekst schrijven over
n van de onderwerpen uit het werkboek.
Hierbij zorgen ze voor 2 problemen en
oplossing. Ze schrijven deze tekst in hun
schrijfschrift.
Ik vraag aan de hulpjes of ze de schrijfschriften
willen uitdelen. Zodra de leerlingen aan het
werk zijn zet ik het stoplicht op rood. Dit houdt
in dat ze niet mogen praten. Ik zet de time
timer op 20 minuten.
Ik loop rond en beantwoord eventuele vragen.

De leerlingen luisteren naar de regels die ik


wil hanteren tijdens deze les. Ze proberen
zich hieraan te houden.
Wanneer ik vraag over wat we gaan doen ,
bekijken de leerlingen de les en geven mij
antwoord doormiddel van een vinger
opsteken.

Digibord met de
taalmethode
Handboeken
Werkboeken

Als we gaan kijken naar de opdrachten doen


de leerlingen goed mee. Ze beantwoorden
mijn vragen en denken na over de problemen
en oplossingen van Jayden. Bij opdracht 2 en
3 steken ze hun vinger op om het antwoord te
zeggen. Deze antwoorden hoeven de
leerlingen niet op te schrijven.
Wanneer ik de rest van de opdrachten uitleg
kijken ze mee naar de opdrachten in het
werkboek. Wanneer er vragen over een
bepaalde opdracht zijn steken ze hun vinger
op en wachten ze op hun beurt.

De hulpjes delen de schrijfschriften uit. De


rest van de klas is rustig aan het werk met de
opdrachten in hun werkboek. Omdat het
stoplicht op rood staat mogen de leerlingen
niet praten. Wanneer ze een vraag hebben
steken ze hun vinger op en wachten ze tot ik
kom. De leerlingen schrijven een tekst waar 2
problemen in voorkomen en bedenken hier
een oplossing voor.

schrijfschriften
Werkboek
Handboek
Stoplicht op rood
Time timer op
20 minuten

+/- 10
minuten

+/- 5
minuten

In
tweetallen
de
geschreven
teksten
doorlezen
en
bespreken

Ik vertel dat de leerlingen in tweetallen


(buurman/buurvrouw) de geschreven teksten
gaan nakijken. De leerlingen moeten hierbij
elkaar een top en een tip geven voor de
volgende keer. Wanneer de leerlingen klaar zijn
met het bespreken wachten ze rustig tot het
moment dat ik stop zeg.

De leerlingen gaan samen met de


buurman/buurvrouw de teksten bekijken en
lezen. De leerlingen letten hier op de 3
problemen en oplossing. Wanneer ze de tekst
hebben gelezen bedenken ze een tip en een
top voor elkaar. Deze vertellen ze aan elkaar
en vragen eventueel om een toelichting.

Ik loop rond om te kijken of iedereen goed


meedoet en elkaar op een goede manier
feedback geeft.

Bespreken
van de les

Ik vraag of iedereen stil wil zijn en naar mij


kijkt. Ik vraag wie er iets over de tekst van zijn
buurman/buurvrouw wilt vertellen. Ik kies
vingers uit.

Als de leerlingen klaar zijn met het bespreken


wachten ze stil op het vervolg van de les. Als
er iets verbeterd moet worden kunnen ze dit
nu doen.
De leerlingen die iets willen vertellen steken
hun vinger op. De rest van de klas luistert en
is stil wanneer iemand aan het praten is.

Ik vraag hoe ze de opdracht vonden gaan en of


ze vonden dat het stil was tijdens het werken.
Ik vertel dat n leerling van elk groepje de
werkboeken en schrijfschriften verzamelt en
deze bij mij inlevert.

De leerlingen beantwoorden mijn vragen over


de les doormiddel van een vinger opsteken.
Aan het einde van de les levert n leerling
van het groepje de werkboeken en
schrijfschriften bij mij in.

Literatuur :
http://tule.slo.nl/Nederlands/F-L05-Gr78-Kinderen.html

OGP3

geschreven
teksten
buurman/
buurvrouw

Format voor toelichting lesontwerp


Domein: Taal Rekenen/ wiskunde OJW BVO*
*omcirkel wat van toepassing is

B1. Leerdoelen
stellen
3.4 passend
leerinhouden vanuit
leerlijnen
3.11 Leerprocessen
observeren en
registreren

Welke keuze(s) heb je in dit


opzicht gemaakt?

Waarom heb je deze


keuze(s) gemaakt?

De leerlingen gingen tijdens deze


les werken aan het schrijven van
een tekst met een probleem en
oplossing. Ik heb dit toen SMART
geformuleerd om als productdoel
te gebruiken. Ik ben daarna gaan
kijken op Tule om het kerndoel te
bepalen. Ik kwam toen bij
kerndoel 5 uit.

Ik ben gaan kijken wat ze


gingen doen en vond dit
een goed productdoel. Ik
heb het SMART
geformuleerd omdat het
dan concreet is.

De leerlingen hebben aan


het einde van de les een
tekst geschreven met een
probleem en een oplossing.
(productdoel)
De leerlingen leren om in
tweetallen het werk te
reflecteren. (procesdoel)

De leerlingen zijn deze les bezig


met kerndoel 5: de leerlingen
leren naar inhoud en vorm teksten
te schrijven met verschillende
functies, zoals; informeren,
instrueren, overtuigen of plezier

Ik heb op Tule gekeken


omdat je dan een goed
beeld krijgt over wat de
leerlingen in groep 7
moeten doen en kunnen.
Omdat de leerlingen gaan
oefenen met het bespreken
in tweetallen heb ik dit
genoemd als een
procesdoel.

B3. Leeractiviteiten
begeleiden
2.6 Samenwerking,
zelfredzaamheid

A3. Leiding geven


aan het
groepsproces
1.1 zicht op groepjes
leerlingen
1.3 effectieve
leerkrachtcommunicati
e
A4. Interactie
aangaan met de
groep
3.13 feedback aan
leerlingen

verschaffen.
Ik heb aan het begin van de les
verteld wat we tijdens deze les
gingen doen. Ik heb opdracht 1,2
en 3 met ze samen gedaan.
Daarna heb ik de opdrachten
uitgelegd en ze aan het werk
gezet.

Ik ben tijdens het individueel en


het samenwerken gaan rondlopen
om te kijken of alles goed ging en
of er geen vragen waren.
Bij het feedback geven aan elkaar
heb ik gelet op de manier hoe
leerlingen dit doen. Wanneer ik
vond dat dit niet goed ging heb ik
ze hierop aangesproken.
Ik heb bij het maken van opdracht
1 t/m 3 de leerlingen positieve
feedback gegeven op de
antwoorden die ze zeiden.
Tijdens het rondlopen vraag ik
soms aan de leerlingen waarom ze
zoiets doen en hier geef ik dan
feedback op.

Ik heb ervoor gekozen om


de eerste 3 opdrachten
samen te maken omdat in
deze 3 opdrachten duidelijk
werd waar de leerlingen
aan moesten werken deze
les. Ze leerden hoe een
probleem en oplossing kan
ontstaan en hoe ze dit
terug kunnen vinden in een
tekst.
Door een goede uitleg te
geven ben ik bezig om te
werken aan mijn
persoonlijke leerdoel.
Ik vind het belangrijk om
tijdens het werken rond te
lopen omdat ik dan goed
zicht heb op wat de
leerlingen aan het doen zijn.
Wanneer een leerling een
vinger opsteekt kan ik
diegene snel helpen.
Door feedback te geven laat
ik aan de leerlingen merken
dat ik hun inzet waardeer.
Daarnaast kan ik ze helpen
de opdrachten nog beter te
maken.
Door te benoemen hoe ik
het bespreken in tweetallen
vond gaan laat ik zien dat

B2 Leeractiviteiten
ontwerpen
3.6 werkvormen en
groeperingsvormen
4.5 leeromgeving
inrichten

Aan het einde van de les bespreek


ik hoe ik de les vond gaan en de
manier waarop de leerlingen
samen de teksten aan het
bespreken waren. Ik benoem hier
de goede kanten en de verbeter
punten.
Omdat dit een methode les was
heb ik de les niet veel aangepast.
Ik heb alleen het samen
bespreken toegevoegd waarbij de
leerlingen elkaar een tip en een
top moeten geven na aanleiding
van de tekst. Ook heb ik een eis
gesteld aan de tekst. In plaats van
1 probleem moesten ze er 2
opschrijven

het niet altijd rumoerig


hoeft te zijn bij dit soort
opdrachten. De leerlingen
krijgen dan een beeld van
hoe het ook kan. Misschien
nemen ze dit mee naar de
volgende keer.
Ik vind het belangrijk dat de
leerlingen niet alleen van
mij feedback krijgen maar
ook van elkaar. Omdat ze al
vaker met tips en tops
werken heb ik dat eraan
toegevoegd. Op deze
manier krijgen ze een
verbeterpunt maar horen ze
ook de goede punten.
Het werkboek vroeg om een
tekst met n probleem en
oplossing. Ik vond dat groep
7 dit wel kon met 2
problemen en oplossingen.