Vous êtes sur la page 1sur 21

KENNISPORTFOLIO

Stefan van den Bosch

Kennisportfolio P1
49BKM1CV

Stefan van den Bosch


2129411
Inhoud
P1 ............................................................................................................................................................. 2
Algemene economie :.............................................................................................................................. 2
Bedrijfseconomie..................................................................................................................................... 4
Communicatie ......................................................................................................................................... 5
Management: Inleiding I ......................................................................................................................... 8
Inleiding Recht ......................................................................................................................................... 9
Informatiemanagement; Excel .............................................................................................................. 10
P2 ........................................................................................................................................................... 10
Bedrijfseconomie................................................................................................................................... 10
HRM ....................................................................................................................................................... 13
Marketing .............................................................................................................................................. 15
Management Inleiding II ....................................................................................................................... 18
Overeenkomsten- & Rechtspersonenrecht........................................................................................... 20
P1

Algemene economie :
Prijsverandering
- Auteur : onbekend
- Vakgebied : Algemene economie
- Beschrijving : Elasticiteiten
- Relevantie/Te gebruiken voor : Prijselasticiteit kan je gebruiken om te kijken naar de
prijsgevoeligheid van een product. Prijselasticiteit is de procentuele verandering van de vraag
gedeeld door de procentuele verandering van de prijs. Er zijn nog twee andere vormen van
elasticiteiten. Inkomenselasticiteit en kruiselasticiteit.

Marktvormen
- Auteur: onbekend.
- Vakgebied: Algemene economie.
- Beschrijving: Marktvormen.
- Relevantie/Te gebruiken voor: Marktvormen zijn er voor bedrijven om te zien op welke
markt ze actief zijn. Hierdoor weten de bedrijven wat ze voor strategie moeten voeren op de
markt.

SWOT analyse
- Auteur: Albert S. Humphrey
- Vakgebied: Algemene economie
- Beschrijving: Bij de SWOT-analyse worden de sterktes en zwaktes van een onderneming
geconfronteerd met de kansen en bedreigingen die de omgeving heeft.
- Relevantie/Te gebruiken voor: De SWOT-analyse
wordt gebruikt om een strategie te bedenken
voor een onderneming.
Bedrijfseconomie
Bedrijfseconomie
- Auteur: Er is niet 1 persoon aan te wijzen die de auteur is van de bedrijfseconomie.
- Vakgebied: Bedrijfseconomie.
- Beschrijving: Boekhouding (Verschillende soorten methoden)
- Relevantie/Te gebruiken voor: Met de boekhouding kunnen bedrijven zien wat de financiële
staat is van hun bedrijf op een bepaald moment of over een bepaalde periode. De
boekhouding is onder te verdelen in de volgende overzichten:

o Balans
o Journaalposten
o Resultatenrekening
o Liquiditeitsoverzicht
o Grootboekrekening
Communicatie
Communicatietheorieën. Deze zijn als 1 onderwerp gepakt, bij elke theorie staat een uitwerking met
auteur, beschrijving en waar dat het voor te gebruiken is.

- Auteur: Er zijn verschillende auteurs, deze staan vermeld bij de theorie


- Vakgebied: Communicatie.
- Beschrijving: verschillende soorten massacommunicatie.
- Relevantie/Te gebruiken voor: er zijn verschillende soorten van massacommunicatie, onder
te verdelen in de volgende theorieën:

o One-step-flow theorie: Bij deze communicatietheorie is er sprake van 1 stap. De


zender stuurt iets naar de ontvanger en de ontvanger neemt dit direct aan. Dit wordt
ook wel de injectienaaldtheorie of de stimulus-response theorie genoemd. Deze
theorie ontstond zo’n 90 jaar geleden, auteur is onbekend.

o Two-step-flow theorie: Het eerste antwoord op de one-step-flow theorie is deze


theorie. Hier komt een nuance van een tussenstop in de communicatie, een
opinieleider. Hij/zij kan het publiek leiden door zijn autoriteit op een bepaald gebied
of omdat het publiek tegen deze persoon op kijkt. Deze theorie is gebaseerd op
onderzoek uit 1940 over sociale beïnvloeding door socioloog Paul Lazarsfeld.

o Agendasettingtheorie: Bij deze communicatietheorie wordt de macht bij het medium


gelegd. De media bepaalt zelf waarover zij schrijven of verhalen. Doordat zij de
inhoud bepalen, bepalen zij dus ook over welke onderwerpen in de maatschappij
wordt gepraat en gedacht. Het medium bepaalt de agenda. De basis van deze theorie
is bedacht door Bernard C. Cohen in 1963.

o The medium is the message: Bij deze theorie gaat het niet zozeer om de inhoud van
wat via de media verspreid wordt, als wel het medium zelf. Mensen gaan van oude
communicatiepatronen losweken en zich aan nieuwe technologieën binden. Deze
theorie is gemaakt in de jaren zestig door Herbert Marshall McLuhan.

o Uses- and gratifications theorie: Het idee bij deze communicatietheorie is, dat het
publiek media gebruikt (use) om in haar eigen behoeften te voorzien (grafity). Bij
deze communicatietheorie heerst al een ander beeld van ontvangers: een actieve
ontvanger die media voor zijn eigen behoeften gebruikt (ontspanning en
informatie). Deze theorie is gebaseerd op verschillende onderzoeken en literatuur.

o Selectieve perceptie: Dit betekent letterlijk selectieve waarneming. De theorie gaat


ervan uit dat de ontvangers waarnemen wat ze willen waarnemen en zich kunnen
afsluiten voor boodschappen die ze niet willen waarnemen à selectieve afsluiting. De
geselecteerde boodschappen worden ook zo geïnterpreteerd dat ze overeenkomen
met de eigen houding en ervaring, dit is selectieve herinnering. Bij deze theorie
schuift de macht dus totaal van zender naar ontvanger. Deze theorie is ontstaan
vanaf 1950, Festinger speelde hier in 1957 een belangrijke rol bij.
Communicatie

- Auteur: kwam op in de jaren 1990 onder technici en constructeurs, onder andere bij Philips.
- Vakgebied: communicatie.
- Beschrijving: SMART.
- Relevantie/Te gebruiken voor: SMART staat voor specifiek,
meetbaar, acceptabel, realistisch en tijdsgebonden. Dit kun
je gebruiken bij het opstellen van doelstellingen, om zo te
zorgen dat de doelstellingen concreet en duidelijk zijn. Van
oorsprong is het bedoeld om managers te leren om
gerichte opdrachten te geven

Communicatie.

- Auteur : Birkigt & Standler


- Vakgebied : Communicatie
- Beschrijving : Corporate identitymix
- Relevantie/Te gebruiken voor : De corporate identitymix is er voor bedrijven om hetgeen uit
te stralen wat ze willen tonen aan de wereld. Als de corporate identitymix goed wordt
ingevuld dan is de communicatie naar de buitenwereld in balans.
- Auteur : Onbekend
- Vakgebied : Communicatie
- Beschrijving : Dit model laat een communicatieproces zien. De zender zet zijn
gedachte om in woorden. Dit is de boodschap. De ontvanger zet deze woorden om
in gedachten. De ontvanger kan reageren op de boodschap, dit heet feedback. Na
feedback kan de zender reageren door een terugkoppeling te geven
- Relevantie/Te gebruiken voor : Het communicatieproces uitgeschreven en te
verduidelijken.
Management: Inleiding I
- Auteur: McKinsey
- Vakgebied: Management
- Beschrijving: 7S-model bevat zachte en harde s’en. De zachte s’en zijn sleutelvaardigheden,
stijl van het management en staff (personeel) de harde s’en bevat systemen, strategie en
structuur.
- Relevantie/Te gebruiken voor: Om inzicht te krijgen in de verschillende aspecten van een
organisatie zodat je de organisatie kan beschrijven

Management
- Auteur : Treacy en Wiersema
- Vakgebied : Management
- Beschrijving : Waard strategieën van Treacy en Wiersema zijn operational excellence,
product leadership en customer intimacy
- Relevantie/Te gebruiken voor : De waarde strategieën van Treacy en Wiersema zijn er om de
basis van je strategie te vormen. Je moet weten waar je strategie op gericht is.
Inleiding Recht
- Auteur
- Vakgebied: Recht
- Beschrijving: verdeling rechtsgebieden
- Relevantie/Te gebruiken voor: om een onderscheid te maken alle rechtsgebieden. Je kunt zo
ook makkelijker zoeken in de wettenbundels.
Informatiemanagement; Excel
Model/Theorie
- Auteur : Onbekend
- Vakgebied : informatiemanagement
- Beschrijving : Excel
- Relevantie/Te gebruiken voor : Door het kunnen werken met Microsoft Office Excel kan je
informatie op een makkelijke en overzichtelijke manier verwerken.

P2

Bedrijfseconomie
- Model/Theorie
- Auteur : A.W.W. Heezen
- Vakgebied : Bedrijfseconomie
- Beschrijving : Kengetallen
- Relevantie/Te gebruiken voor : Met de kengetallen kan je het vermogen van een
onderneming meten. Je kunt zien hoe gezond het bedrijf is. Er zijn drie hoofdtermen,
rentabiliteit, liquiditeit en solvabiliteit. Hieronder vallen diverse kengetallen

Model/Theorie
-Auteur: onbekend
-Vakgebied: Bedrijfseconomie
-Beschrijving: Winstverdeling van een organisatie. Na het behalen van winst moet er belasting
betaald worden, en daarna wordt de overwinst verdeeld.
-Relevantie/Te gebruiken voor: Het uitzetten van een winstverdeling
Model/theorie
-Auteur : onbekend
-Vakgebied : bedrijfseconomie
-Beschrijving : De financiele gezondheid van een bedrijf beoordelen d.m.v. verschillende formules
(kengetallen)
- Relevantie/Te gebruiken voor : Financiele gezondheid van een bedrijf beoordelen.
HRM
Model/theorie
- Auteur : Charles J. Fombrun
- Vakgebied : HRM
- Beschrijving : Fombrun model
- Hier staan elementen in van de instroom, doorstroom en uitstroom van medewerkers.
- Relevantie/Te gebruiken voor : Bij dit model kun je zien wat er onder het
personeelsmanagement valt. Instroom, doorstroom en uitstroom zijn hier de taken van. Deze
moet het personeelsmanagement zo goed mogelijk invullen.

Model/Theorie
- Auteur : Maslow
- Vakgebied : HRM
- Beschrijving : Behoeftepiramide van Maslow
- Relevantie/Te gebruiken voor : Het individu te laten
groeien. Als je het als bedrijf voor elkaar krijgt dat
een medewerker naar de bovenste tree van de
behoeftepiramide komt dan haal je het beste in de
medewerker naar boven.

Model/Theorie
-Auteur: onbekend
-Vakgebied: HRM
-Beschrijving: Groepen medewerkers bollenmodel
-Relevantie/Te gebruiken voor: Analyseren wat voor medewerkers heb je in huis, heb je nu nodig en
wat voor soort mensen heb je in de toekomst nodig.
Model/Theorie

- Auteur: I. Schoenmakers & F. Koopmans


- Vakgebied: HRM
- Beschrijving: De 3 hoofdinstrumenten van instroom, doorstroom en uitstroom
- Relevantie/Te gebruiken voor: Kijken hoe je de variabelen van instroom, doorstroom en
uitstroom moet invullen.
Marketing
Model/Theorie
- Auteur: DuPont
- Vakgebied: marketing
- Beschrijving: SWOT-analyse
De sterktes, zwaktes, kansen en bedreiging
worden hier in weergeven. Dit gebeurt
schematisch.
- Relevantie/Te gebruiken voor : Het in kaart brengen van de omgeving van een bedrijf. Dit
gebeurt met een SWOT voor zowel de interne omgeving als de externe omgeving. Op basis
van een SWOT analyse kunnen beslissingen kunnen worden genomen, denk hierbij aan
strategische beslissingen.

Model/Theorie
- Auteur : Ansoff
- Vakgebied : marketing
- Beschrijving : groeistrategieën van Ansoff
Een viertal verschillende strategieën om te
groeien
- Relevantie/Te gebruiken voor : Je producten kun
je analyseren en kijken in wat voor markt je
nieuwe producten gaat plaatsten. Er zijn 4
mogelijkheden, de mogelijkheden zijn ingedeeld
op 2 variabelen. Namelijk of een product
bestaand is of niet en/of het product op een
nieuwe of bestaande markt wordt gebracht.

Model/Theorie

- Auteur: D. Abell
- Vakgebied: Marketing
- Beschrijving: Een model dat laat zien
op welke behoeften, technologieën
en afnemers de producten van een
organisatie zich bevinden.
- Relevantie/Te gebruiken voor: Het
vaststellen van het businessdomein
op 3 dimensies: behoeften,
technologieën en afnemers.
- Model/Theorie
-Auteur: Philip Kotler
-Vakgebied: Marketing
-Beschrijving: De verschillende niveaus van een product/dienst. Bijvoorbeeld: hoe verder je
naar buiten gaat hoe minder het gaat over de dienst
-Relevantie/Te gebruiken voor: Het bekijken hoe een product/dienst is opgebouwd.

Model/Theorie
- -Auteur: Theodore Levitt.
-Vakgebied: Marketing
-Beschrijving: Productlevenscyclus. De fases waarin een product/dienst zich op de markt kan
bevinden.
-Relevantie/Te gebruiken voor: Het bekijken in welke fase een product/dienst op de markt
ligt.
- Model/Theorie
-Auteur: onbekend
-Vakgebied: Marketing
-Beschrijving: ABCDE staat voor: Afnemers, Bedrijfstak, Concurrenten, Distributie & Externe
belanghebbenden
-Relevantie/Te gebruiken voor: Het in kaart brengen van de externe partijen van een bedrijf
op meso niveau.

- Model/Theorie
-Auteur: onbekend
-Vakgebied: Marketing
-Beschrijving: DESTEP
-Relevantie/Te gebruiken voor: Het in kaart brengen van de externe omgeving op macro
gebied. Demografisch, economisch, sociaal-cultureel, technologisch, ecologisch Politiek.
Management Inleiding II
Model/ Theorie

- Auteur: McKinsey (zelfde als in P1)


- Vakgebied: Management
- Beschrijving: 7S-model bevat zachte en harde s’en. De zachte s’en zijn sleutelvaardigheden,
stijl van het management en staff (personeel) de harde s’en bevat systemen, strategie en
structuur.
- Relevantie/Te gebruiken voor: Om inzicht te krijgen in de verschillende aspecten van een
organisatie zodat je de organisatie kan beschrijven

Model/Theorie
-Auteur: onbekend
-Vakgebied: management
-Beschrijving: Het ERP systeem.
-Relevantie/Te gebruiken voor: In dit schema staan alle onderdelen van de ERP.

Model/theorie
-Auteur: onbekend
-Vakgebied: management
-Beschrijving: managementniveaus binnen een organisatie.
-Relevantie/Te gebruiken voor: Dit gebruik je om te kijken welke taken voor de
topmanagement zijn en welke voor midden en lager management zijn.
Model/Theorie
-Auteur: onbekend
-Vakgebied: management
-Beschrijving: verschillende procesniveaus binnen een organisatie
-Relevantie/Te gebruiken voor: Dit gebruik je om te bepalen op welk niveau en hoe belangrijk een
proces is in de organisatie
Overeenkomsten- & Rechtspersonenrecht
Model/Theorie
- Auteur: Van Zeijl
- Vakgebied: overeenkomsten- & rechtspersonenrecht
- Beschrijving: De verschillende ondernemingsvormen zowel met als zonder
rechtspersoonlijkheid.
- Relevantie/Te gebruiken voor: Met deze theorie kan je zien welke verschillende
ondernemingsvormen er zijn. Door deze ondernemingsvormen te kennen weet je de
voordelen en nadelen ervan voor als je een eigen bedrijf gaat oprichten.