Vous êtes sur la page 1sur 7

Paramaribo, de 22-10-2018

Knelpunten te ondertekenen nieuwe Brokopondo Overeenkomst

Geachte heer/mevrouw,

Op woensdag 3 oktober 2018 hebben wij de open persconferentie van de presidentiële


onderhandelingscommissie Alcoa, bijgewoond. Tijdens deze bijeenkomst werden er
mededelingen gedaan over de door hen bereikte resultaten tijdens de onderhandelingen rond
de sluiting van de Suralco operaties en de daaruit voortgevloeide nieuwe concept
overeenkomst met de Alcoa. Tevens ging de commissie in op vragen van de pers en
belangstellenden. Ofschoon we dit initiatief toejuichen, bekruipt ons het gevoel dat er tijdens
de onderhandelingen onvoldoende rekening is gehouden met de belangen van de rechtmatige
eigenaren van de uitgemijnde gebieden. Dit deed ons besluiten om u middels dit schrijven
daarover in te lichten.

Tijdens de bijeenkomst wensten de vertegenwoordigers van plantage Onoribo geïnformeerd te


worden over:

- de mate waarin men tijdens het onderhandelen met de Suralco rekening had gehouden met
de rechten van de plantage bewoners i.h.b. die van plantage Onoribo;

- het termijn waarbinnen er een schadevergoedingsclaim kan worden ingediend en de hoogte


van het bedrag dat er hiervoor door de Suralco is uitgetrokken;

- de wijze waarop de rehabilitatie en sanering van de uitgemijnde gebieden zal plaatst vinden;

- de kennis die men bezat over de historische achtergronden van de claims die de plantage
heeft op de Suralco, en de mate waarop de reeds bestaande lopende afspraken

(al dan niet in de vorm van overeenkomsten) tussen het bestuur van Onoribo en Suralco
tijdens de gevoerde onderhandelingen, punt van bespreking zijn geweest.

Deze punten werden door het team herhaaldelijk afgedaan met:

1
de stelling dat het plantage bestuur al zelf met de Suralco aan het onderhandelen is, waardoor
de commissie bij het nemen van besluiten geen rekening heeft gehouden met hun rechten.
Tevens gaf men aan dat er sprake is van een rechtszaak waardoor de problematiek (waarvan
men niet op de hoogte was)van de plantage naar een hoger niveau was getild.

Voor wat betreft het betalen van schade vergoeding aan rechthebbenden, de rehabilitatie en
sanering van de grond en het terug geven van in concessie uitgegeven gebieden aan de
rechtmatige eigenaren, werd door de commissie aangegeven dat er net als in de huidige
Bauxiet Overeenkomst, in de nieuwe concept overeenkomst bepalingen zijn opgenomen die
een dergelijke procedure regelen.

Ook was men niet op de hoogte van het bestaan van afspraken met de Suralco over o.a. het
wederom afstaan van hun (de Suralco) “eigendommen” aan het collectief van plantage
eigenaren.

Hieronder gaan wij nader in op deze punten.

Zelfstandige onderhandelingen met de Suralco en Afspraken met de Suralco betreffende de


teruggave van eigendommen

In 2009zijn wij inderdaad gestart om zelf onderhandelingen te voeren met de Suralco over de
impact die hun vertrek uit Suriname op de plantage zal hebben. De onderhandelingen werden
steeds gevoerd door een team van afgevaardigden van het zittend plantage bestuur. De te
bespreken onderwerpen betroffen:

de rehabilitatie en sanering van de uitgemijnde gronden

De hoogte van de aan de nazaten te betalen schadevergoeding en

de teruggave van de al dan niet op rechtmatige manier verkregen onroerende en roerende


goederen door de Suralco.

Een en ander heeft geresulteerd in het concept ontwikkelingsplan Groot Onoribo die een
uitvloeisel is van een in februari 2009 getekende intentie verklaring tussen de
onderhandelingscommissie van de plantage en de BHP Billiton Maatschappij Suriname.

Dit Ontwikkelingsplan Groot Onoribo omvat de overdracht, rehabilitatie en compensatie van:

2
plantage gronden met de daarop staande faciliteiten welke rechtens toebehoren aan de
plantage-eigenaren Onoribo. De totale geschatte oppervlakte van deze arealen bedraagt voor
Onoribo 1096 ha en voor de Vrijheid 1496 ha of meer; waar van de Suralco voor 66.3 ha huur
betaald

een aan deze gronden grenzend gebied dat thans toebehoort aan de BHP- Billiton en de Alcoa
(en de daarbij behorende roerende goederen);

domeingrond gelegen in dit gebied.

Desgewenst zijn wij bereid u op aanvraag inzage in deze stukken te verschaffen.

Rechtszaak

Het is inderdaad zo dat het bestuur in een rechtszaak verwikkeld zit. Het betreft echter een
rechtszaak over de rechtmatigheid van een gehouden bestuursverkiezing en dus niet een
rechtszaak waarvan de Suralco (Alcoa) ook procespartij is. Deze rechtszaak heeft dus geen
betrekking op de verplichtingen die Suralco (Alcoa) ten opzichte van ons heeft uit lopende
afspraken zoals de commissie voorzitter de gemeenschap wilde doen geloven.

Het gevoel bekruipt ons daarom dat deze presidentiële onderhandelingscommissie het niet de
moeite waard vond om zich in de problematiek van onze plantage te verdiepen. Dit is jammer
omdat zij dan waarschijnlijk een maatschappelijk meer aanvaardbaar
onderhandelingsresultaat met de Suralco (Alcoa) hadden bereikt. Nu heeft men naar wij
vrezen een nieuw concept overeenkomst met deze multinational samengesteld, zonder te
beschikken over adequate voorkennis van de wijze waarop onze rechten in het verleden door
deze maatschappij (en of zijn voorgangers, al dan niet met behulp van het toenmalig bestuur)
zijn vertrapt.

Het zonder de adequate voorkennis van de geschiedenis van de uitgemijnde gebieden


onderhandelen en samenstellen van en of het ondertekenen van de concept overeenkomst
zoals die thans is ingediend bij DNA, betekent onzes inziens dan ook dat wij wederom niet
gekend zullen worden in een ontwikkeling die zowel direct als indirect van invloed zal zijn op
onze toekomst.

3
Schadevergoeding en rehabilitatie

Een van de knelpunten in deze conceptovereenkomst is de formulering van het


verjaringstermijn waarbinnen men een schadevergoedingsclaim bij de Suralco kan instellen.
Aan de aanwezigen werd meegedeeld dat het termijn van vijf jaar begint te lopen op de dag na
ondertekening van de nieuwe overeenkomst.

Dit in tegenstelling tot de huidige overeenkomst waarin bepaald wordt dat rechthebbenden tot
vijf jaren na de ontdekking van de schade in hun gebied een dergelijke procedure kunnen
starten. Als argument hiervoor werd gegeven dat de maatschappij niet tot in lengte van dagen
aansprakelijk gesteld kan worden voor schade die mogelijk door hun bedrijfsvoering werd
aangericht. Ook het ontbreken van nationale milieuwetgeving werd aangehaald om deze
wijziging te rechtvaardigen. Zulks terwijl de mogelijkheid aanwezig is dat uit onderzoek in de
toekomst aan het licht komt, dat een bepaald fenomeen waarmee de lokale bevolking te
kampen krijgt een indirect of direct gevolg is van deze Bauxiet exploitatie.

Problematiek Plantage Onoribo

Zoals in de inleiding is aangehaald zijn wij van mening dat men wellicht anders had
onderhandeld als men zich had verdiept in de problematiek van plantage Onoribo. Ook had
men rekening kunnen houden met onze bezwaren over het vertrek van deze multinational
indien men bij ons had aangeklopt voor informatie onze problematiek rakende. Er is namelijk
heel veel mis gegaan bij de aanvang van de activiteiten van deze maatschappij in ons gebied
waarvan wij hier aan de hand van een door de heer Justus Keizerweerd verricht onderzoek
summier een beeld zullen schetsen.

Nu de Alcoa op vertrek staat in Suriname, hebben wij immers de taak de balans op te maken
van hetgeen hun aanwezigheid in ons land over het algemeen en in de diverse
gemeenschappen in het bijzonder heeft opgeleverd. In dit schrijven beperken wij ons tot
plantage groot Onoribo aangezien wij daarvan de vertegenwoordigers zijn.

Dit gebied beslaat een oppervlakte van 2592 ha welk aan concessie werd uitgegeven aan de
Alcoa(SBM / Billiton /Suralco)

Dit geschiedde niet altijd op een rechtvaardige wijze, hetgeen uit onderzoek van de heer
Keizerweerd aan het licht kwam. Allereerst werd een groter oppervlakte dan was afgesproken

4
door bedrieglijke praktijken van de toenmalige notaris Da Costa de eigenaren van Onoribo
afhandig gemaakt. Met hen bereikte men namelijk overeenstemming om tot het vestigen van
het zakelijk recht tot het ontginnen, bewerken en verwerken van alle bauxiet ertsen en andere
mineralen van gelijke aard of natuur", over te gaan van een gedeelte van de grond over te
gaan waarvoor een bepaald bedrag werd bedongen. Tijdens het tekenen van de akte kwamen
de eigenaren er echter achter dat de notaris een akte had opgemaakt welke ook de verkoop
van de zogenaamde “Ston Bergi” inhield. Nadat ze weigerden deze akte te ondertekenen werd
de “fout hersteld”, waarna de ondertekening en dus de vestiging van dit recht op geheel
Onoribo een feit werd. Door het bedrog van dit notariaat kwam de wilsverklaring van de
eigenaren gebrekkig tot stand hetgeen de akte tot een vernietigbare akte gemaakt had.

Aangezien men in die periode niet wist welke wegen te bewandelen bleef deze akte in tact, en
viel:“Ston Bergi”in het concessiegebied van de Alcoa die zich op een ongerechtvaardigde
manier heeft verrijkt met de opbrengsten ervan. Uit het binnenkort te publiceren onderzoek
blijkt ook dat de handelingen van de notaris en de koper niet te goeder trouw geweest zijn;
men wist immers waarmee men bezig was maar koos er voor de “zwakkere”partij te
benadelen

Hetzelfde notariaat ging er ook toe over de akten van plantage De Vrijheid te vervalsen door
de SBM meer rechten te verlenen dan er met de plantage eigenaren was afgesproken. Toen dit
bedrog aan het licht kwam en er een rechtszaak aanhangig gemaakt was, greep de overheid in
door de onteigeningswetgeving scherper te stellen. Tevens ging men ertoe over wetgeving te
fabriceren welke het mogelijk maakte dat ten behoeve van het algemeen belang de
privaterechten (belemmeringswet) van individuen kon worden beperkt.

De desbetreffende notaris werd terug naar Nederland gezonden maar de schade die hij door
zijn handelingen had aangericht zijn nog steeds merkbaar in onze gemeenschap.

Indien men dieper graaft zal men beslist nog achter andere negatieve, onrechtvaardige en
onrechtmatige handelingen komen die gepleegd zijn door deze multinational in ons land.

5
Op grond van het voorgaande zijn wij dan ook de mening toegedaan dat het zonder deze
voorkennis opstellen van een andere Brokopondo Overeenkomst nadelige gevolgen kan
hebben voor onze toekomst.

Wij hebben inderdaad lopende afspraken met de Suralco, welke vervat zijn in het Concept
Plan Herstel Groot Onoribo waarvan eerder in dit schrijven melding werd gemaakt. De laatste
bespreking hieromtrent vond plaats in 2012. Enerzijds door perikelen binnen ons bestuur en
anderzijds ook doordat de Suralco aan het doen is alsof zijn neus bloed.

Tevens is het dus niet zo dat alle eigendommen van de Suralco op rechtmatige wijze zijn
verkregen. In hoeverre dat zo is vereist een onderzoek door een onafhankelijke derde. Wij
weten wel dat het gedeelte van Onoribo dat bij onze voorouders als “Ston Bergi” bekend
stond, ons op slinkse wijze afhandig is gemaakt. Deze handeling droeg er weliswaar aan bij
dat door de aanleg van de waterkrachtcentrale en de opwekking van energie de ontwikkeling
in ons land naar een moderne maatschappij van start ging, maar daarvan hebben wij de
voordelen niet ervaren. Toen niet en nog steeds niet.

Erkenning van de offers die wij als plantage gemeenschap daarvoor hebben moeten brengen
door zowel de regering als door de Suralco lijkt ons om deze redenen dan ook op zijn plaats.

De berg in haar oorspronkelijke vorm krijgen wij niet terug. Schadevergoeding ter hoogte van
de winst die men gemaakt heeft met de exploitatie van de berg lijkt een billijke eis te zijn
alsook het uitvoeren van het plan dat we reeds in grote delen hebben samengesteld en
uitgewerkt. Ook lijkt het ons billijk dat de formulering van de verjaringstermijn waarbinnen
een schadevergoedingsclaim kan worden ingesteld hetzelfde blijft als dat van artikel 5 van de
huidige Brokopondo Overeenkomst.

Immers kunnen(zoals reeds eerder is aangegeven) er na het verstrijken van het


verjaringstermijn van vijf jaar na de ondertekening van de nieuwe overeenkomst ook andere
zaken aan het licht komen waarvoor de Suralco aansprakelijk gesteld kan worden, zonder dat
je dan als rechtzoekende de mogelijkheid hebt om je schade vergoed te krijgen.

In dit schrijven zijn wij ingegaan op de punten waarvan wij vinden dat die tijdens de
persconferentie van de presidentiële onderhandelingscommissie Alcoa niet afdoende zijn
beantwoord. Wij verschaften u inzicht in de problematiek onze omgeving rakende in de hoop
dat u bij het nemen van een beslissing over het voor of tegen stemmen op dit concept, deze
punten in overweging neemt. Daarnaast hopen wij op erkenning van de offers door onze

6
voorouders gebracht ten gevolge van het onrecht (al dan niet ten behoeve van de ontwikkeling
van ons land) dat aan hen vanwege hun onwetendheid werd aangedaan.

Wij hopen dan ook op ondersteuning van de regering en DNA bij ons streven ons gebied op
de juiste manier duurzaam gerehabiliteerd en gesaneerd te krijgen, alsook op bijstand in onze
strijd vergoed en al dan niet materieel gecompenseerd te worden voor de verliezen die wij
hebben geleden.

Ofschoon wij hopen u middels dit schrijven voldoende te hebben geïnformeerd, kunt u ons
voor aanvullende informatie, vragen of op- en aanmerkingen altijd contacten.

Hoogachtend,

J. Keizerweerd (2e secretaris Onoribo-Siri)

Netostraat 8

Paramaribo/Suriname

Email Kiza59@hotmail.com

Centres d'intérêt liés