Vous êtes sur la page 1sur 2

POP & PAP betreft stage hoofdfase

ik heb mijn POP & PAP aan de hand gemaakt van de competenties (die ik koos):
B. Vermogen tot reflectie en ontwikkeling Ik denk dat ik heel goed van mezelf weet wat mijn goede en slechte punten waren tijdens mijn stage. Ik kijk altijd kritisch naar mijzelf en we bespraken steeds alles met mijn stagepracticumdocent. Daarnaast ontwikkelde ik mezelf op lesgebied door zelf eisen aan mijzelf te stellen (schriftelijk bijhouden) en bepaalde doelen die ik behaald moet hebben tijdens deze stage. Ook de lesbrieven schrijven zorgde voor een grote ontwikkeling, want dit had ik nog nooit gedaan. Laat staan echt voor de klas staan. Ik heb ook steeds aan mijn stagepractium docent gevraagt om zijn mening over mijn doen en denken. Dit hielp ook voor mijn ontwikkeling van leerling tot docent. Wat ga ik doen om voor verbetering te zorgen? Doorgaan zoals ik al bezig was qua reflecteren. Betreft mijn ontwikkeling: misschien nu niet alleen alles opschrijven, de kat uit de boom kijken en ook nog eerst eens vragen voor tips van de stagepracticumdocent, maar gewoon gelijk zelf dingen uitproberen. Falen is niet erg, je leert daar alleen maar van. Dus gewoon de stoute schoenen aan trekken en gewoon de actie opzoeken. C. Pedagogisch vermogen Ik heb veel geleerd over hoe je moet lesgeven, de omgang met leerlingen en wat dat voor effect heeft, maar ook hoe je kunt zorgen voor lessen die leerlingen ook erg interessant vinden omdat er veel interesses in de les verstopt zitten die zij zelf leuk vinden. Dit heb ik natuurlijk eerst wel stiekem een beetje onderzocht door vooral veel met leerlingen te praten over hun bezigheden en favorieten onderwerpen. Ook gaf ik ruimte aan de inbreng van leerlingen tijdens opdrachten. Als ze ergens het helemaal niet mee eens waren of juist een goed idee hadden kon daar best over gepraat worden bij mij om de huidige opdracht een beetje aan te passen. Als de stof maar goed blijft en de leerlingen gemotiveerd raken om hun best te gaan doen. Terwijl ik opdrachten maakten en lesbrieven merkte ik al gelijk dat er onderling (in de klas) veel verschillen waren tussen leerlingen. Niet alleen de manier waarop je ze moest behandellen of hun cultuur, maar ook niveau moest duidelijk rekening mee worden gehouden. Iedere klas had zo zijn toppers en zijn matige leerlingen. Uiteindelijk moeten ze het wel allemaal halen. Dus ik merkte dat ik goed moest nadenken over hoe ik mijn aandacht moest verdelen en hoe ik mijn opdrachten niet te moeilijk maar ook niet te makkelijk moest maken. Wat ga ik doen om voor verbetering te zorgen? Aan het begin van de stage mijzelf niet zo onzeker opstellen, maar proberen zo snel mogelijk contact te maken met de leerlingen. Ook ga ik proberen (zonder mijzelf op te dringen) om op mijn volgende stageschool toch meer opdrachten zou mogen maken. ik mocht namelijk wel les geven tijdens deze stage, maar voornamelijk aan de hand van hun eigen (al bestaande) lesbrieven/opdrachten en maar een klein aantal eigen opdrachten. Natuurlijk kijk ik dan ook weer naar de interesses van de leerlingen, maar ik ga ook proberen er nog iets meer van mezelf in te laten terugkomen als dit zou kunnen op die stageschool. Rekening houden met niveau had ik al wel snel door voor het VMBO dus HAVO, VWO en MBO lijken me nu wel weer echte uitdagingen. Ik denk dat ik dan ook wel weer iets moeilijkere (en meer) theorie kan gaan maken. dat is dan ook meer een uitdaging voor mezelf. D. Didactisch vermogen zoals ik net al bij het pedagogische vermogen zei gebruikte ik voor mijn opdrachten ook de interesses van mijn leerlingen als uitgangspunt. Natuurlijk heb ik ook eigen boeken en kunstenaars die ik gaaf vind laten zien om de leerlingen te motiveren voor mijn bedachte lessen. Het lessen maken was erg vrij, maar de manier waarop de lesbrief eruit moest zien weer helemaal niet. Daar waren vaste regeltjes voor en je lesbrief moest dan ook elke keer weer gecontroleerd worden. Ook moest ik zorgen dat de leerlingen zelfstandig gingen werken. Ik deed aan het begin nog te veel voor en hielp te snel, terwijl het soms beter voor de leerlingen is om zehet eerst zelf te

laten uit proberen. Wat ga ik doen om voor verbetering te zorgen? Het grootste gedeelte van de competentie verliep verbeeldig. Alleen ik deed dus nog iets te veel voor voor leerlingen en hielp nog te snel mee. Ik ga dus proberen de leerlingen eerst zelf aan de slag te krijgen (ze moeten het eerst zelf proberen, voordat ze mogen zeggen dat het ze niet lukt en ik ze moet komen helpen). E. Interpersoonlijk vermogen vondt zelf ook dat ik dit supergoed heb laten zien. Lees dit verslag door en je zult gauw genoeg merken dat ik deze competentie goed volbracht heb. Wat ga ik doen om voor verbetering te zorgen? Op de volgende stageschool dit weer laten zien.

F. vermogen tot samenwerken Kritiek verwerken deed ik ook super. Ik schreef steeds alle kritiekpunten op die ik zelf opmerkte maar ook die van Guido. Gelijk de les erna werkte ik al hieraan, zodat ik me tijdens de gehele stage zo veel mogelijk kon ontwikkellen. Ik heb meegeholpen tijdens de voorbereidingen van de open dag en tijdens de voorleesmiddag op het Scala. Wat ga ik doen om voor verbetering te zorgen? meehelpen met nog meer projecten, want dit is leuk en je krijgt ook meteen een band met de leerlingen en leerlingen die daar ook bij aanwezig zijn. De manier waarop ik omging met kritiek laat ik zo en zet ik gewoon weer voort op mijn nieuwe stageschool. G. Omgevingsgerichtheid Ik deed wat ik altijd deed: musea bezoeken, concerten bezoeken, fotograferen, folders en boeken doorkijken. Natuurlijk was er nu een nieuwe inspiratiebron bij gekomen: leerlingen. Ook zij hebben hun inspiratiebronnen en favorieten. Maar wat vonden ze van mijn favorieten. Ik ging halverwege mijn stage vooral aan de slag met deze competentie door vooral veel te praten met leerlingen en natuurlijk ook te discusseren hierover. Ook geloof en cultuur kwam aan bod, dat kon ook niet anders met de grote hoeveelheid Marokaanse en Turkse leerlingen. Maar ook met docenten hadden we het over interesses maar ook over elkaars manier van lesgeven. Ook deelden we tips uit voor leuke musea en kunstenaars (en ontwerpers). Deze competentie was vooral ook handig voor mezelf aangezien ik dit allemaal heb kunnen gebruiken voor mijn terugkomst op de ABV. Wat ga ik doen om voor verbetering te zorgen? Nog meer museas bezoeken, meer boeken meenemen voor de leerlingen (zo laat je je leerlingen zien wat jij leuk vindt en ze kunnen het ook weer gebruiken als inspiratie en/of motivatie), nog meer praten met leerlingen om achter hun interesses te komen, gesprekken klassikaal uitvoeren om achter meningen en interesses te komen van de hele klas in n keer (dan weten leerlingen ook van elkaar wat ze wel en niet leuk vinden en kan daar weer onderling verder op in worden gegaan. Ook zou ik volgende keer ook (als ik de volgende keer weer op een reguliere middelbare school terecht kom) CKV en Tekenen graag willen geven, omdat daar meer mijn passie ligt en ik er meer van weet. Ook qua inspiratiebronnen zou ik dat dan beter kunnen koppellen met dat wat ik hier nou op school me mee bezig houdt. Wat vond ik van de stage? Ik vond mijn stage aan het Scala in Teteringen super leuk. Ik heb veel geleerd en ik weet nu in iedere geval 100% zeker dat ik na deze opleiding voor de klas wil staan. Over het niveau en leerjaar ben ik nog niet zo uit, maar het gewone reguliere onderwijs (VMBO) is me in ieder geval goed bevallen, ondanks dat mijn energie na de stage bijna helemaal op was. het resultaat mocht er dan ook wel zijn. Het punt van mijn FCD-er heb ik nog niet binnen, maar mijn stagepracticumdocent gaf me een 7 (ook de beoordeling van de competenties waren goed.)