Vous êtes sur la page 1sur 128

Stageverslag Scala

VMBO in Breda voor basis- en kaderberoepsgerichte leerweg en MAVO

Margot Roijackers
Fontys Hogeschool voor de Kunsten Acedemie voor Beeldende Vorming (docent)

Inhoud
Voorkantje Inhoud Inleiding Werkplan Uitwerking competenties Aantal lesuren Samenvatting

Bijlages genoemd in de tekst Bijlage 1: eerste lesbrief die ik maakte voor handvaardigheid Bijlage 2: tweede aangepaste lesbrief voor handvaardigheid Bijlage 3: derde lesbrief voor handvaardigheid Hout bewerking Bijlage 4: lesbrief Lichtreclame (lesbrief die ze al hadden op de school) Bijlage 5: (lesbrief) opdracht plotten Bijlage 6: uitwerking (bijna af) van Ayaan (leerling) + uitwerking (bijna af) van Patricia (leerling) Bijlage 7: voorbeeld van dat wat ik elke les bijhield (per les, per klas: gebeurtenissen , tips en lesstof) Bijlage 8: fotos open dag Bijlage 9: powerpoint hand-out (licht) die ik maakte voor klas 3 gebaseerd op de interesses van de leerlingen. Extra: een aantal lesbrieven van scala (en een toets) die ik heb mogen gebruiken voor mijn lessen. (niet allemaal)

Inleiding
Mijn naam is Margot Roijackers, Tweedejaars student (docent) Beeldende Vorming en ik heb stage gelopen op het Scala in Teteringen. Ik heb daar les mogen geven bij de vakken PDT (Presentatie Decoratie en Techniek), Handvaardigheid en HV-RC (Handel Verkoop Reclame (en Communicatie). Mijn stage practicumdocent was Guido Augustijn. Gedurende dit stage verslag zal ik hem gewoon Guido noemen. Ik heb voor dit verslag alles een beetje moeten inkorten. Ik kan wel al mijn gebeurtenissen die aantonen dat ik de competentie heb behaald en al mijn lesbrieven, maar dan komen er nog eens 50 kantjes extra bij. Dus hierin zul je alleen de belangrijkste vinden. Veel plezier met het doornemen van dit verslag!

Werkplan
Gekozen competenties en mijn werkplan om deze competenties te halen
B. Vermogen tot reflectie en ontwikkeling kern: reflecterend kijken naar jezelf, weten van jezelf wat je sterke en je zwakke punten zijn en jezelf verbeteren. Jezelf ontwikkelen op les gebied door te door eerst goed te plannen en lesbrieven te schrijven. Aan de hand van deze methode kun je je ontwikkelen in de praktijk (docent). B4: je hebt een goed beeld van je sterke en zwakke kanten, en je hebt persoonlijke methode om aan je ontwikkeling te werken. werkplan: eigen acties en werk reflecteren, steeds weer doelen voor ogen blijven houden, eigen manier van lesgeven creeren, stagedocent mij laten beoordelen en tips geven die ik weer kan gebruiken in de praktijk, zelf alles goed plannen en een agenda bij houden. resultaat: planningen, tips van docent, dit werkplan, beoordeling FCD-er, observaties en lesbrieven. C. Pedagogisch vermogen kern: pedagogische kennis omzetten in actie. Leerlingen ruimte geven om zelf dingen in te brengen en rekening houden met verschillen tussen leerlingen als je opdrachten maakt. C1: je verantwoord je pedagogische opvattingen C2: je geeft ruimte aan de inbreng van leerlingen, en houdt rekening met de verschillen tussen leerlingen bij het samenstellen van je opdrachten. werkplan: ook leerlingen laten meedenken en met ze in discussie gaan indien mogelijk. Eerst observeren, dan het volgende onderzoeken: verschillen in onder andere cultuur, niveau, persoonlijkheid. En dan niet alleen leerlingen, maar ook mijn eigen stagedocent observeer ik ook goed, zodat ik mijn eigen visie met de zijne kan vergelijken. Eventueel docentenvergaderingen (vakgroep) bijwonen. resultaat: observaties, gesprekken met docent en leerlingen, problemen met leerlingen en het les geven zelf (omschrijvingen) en sociogram(men) en opdrachten (lesbrieven). D. Didactisch vermogen kern: lessen leren maken, deze lessen inzetten en het nemen van de eigen belevingswereld van de leerlingen als uitgangspunt. Daarmee kunnen zorgen voor leerlingen die zelfstandig kunnen werken doordat de opdracht ze aanspreekt. D1: je ontwerpt lessen en lessenseries, en zorgt voor variatie en een heldere opbouw; Je kunt methodisch verantwoord lesmateriaal ontwerpen waaronder digitaal en kan dit materiaal in je lessen inzetten; Je bent in staat een vaklokaal stimulerend in te richten. D2: Je neemt de belevings- en ervarings- wereld als uitgangspunten van je lessen beeldende vorming; je bervordert de zelfstandigheid van leerlingen. werkplan: lessen maken met hulp van docent, lessen inzetten, folders, informatie en artikelen verzamelen (evenementen, belevingswereld en kunstenaars), observaties en notities maken van lessen die ik gegeven heb en fotos maken tijdens open dag (en beschrijvingen). resultaat: lesbrieven, uiteindelijke lesobservaties, Fotos en observaties van vaklokaal tijdens open dag (die je stimuleerend voor de toekomstige leerling inricht), foldertjes bijhouden van evenementen

en informatie van kunstenaars/kunstwerken die te maken hebben met het onderwerp waarmee de leerlingen op dat moment mee bezig zijn en de cultuur van leerlingen onderzoeken (hun interesses).

E. Interpersoonlijk vermogen kern: doelgericht, betrokken, open en enthausiast de stage doorlopen (met succes volbrengen). E1: Je toont betrokkenheid en enthousiasme op de ABV en in je stageschool. E2: Je communiceert doelgericht voor een groep, verbaal en non-verbaal. E3: Je corrigeert ongewenst gedrag en wardeert gewenst gedrag. werkplan: betrokken en enthousiast mijn stage doorlopen, doelgericht communiceren (verbaal en non-verbaal) en ik corriveer ongewest gedrag en wardeer gewenst gedrag tijdens lessen. resultaat: beschrijvingen, notities van gewenst en ongewenst gedrag (en wat ik daarmee gedaan heb + tips van docent), commentaar FCD-er, eindbeoordeling, commentaar van mijn docent en fotos van werkjes van leerlingen. F. vermogen tot samenwerken kern: kritiek kunnen verwerken en ernaar handellen en een constructieve bijdrage leveren bij een samenwerkingproject. F1: je kunt kritiek verwerken en ernaar handellen. F2: je levert een constructiever bijdrage aan een samenwerkingproject, en neemt verantwoordelijkheid voor een taak. werkplan: als ik kritiek of tips krijg ga ik ernaar handellen (praktijk onder andere) en bij een samenwerking een hele belangrijke rol spelen bij een samenwerkingsproject. F2 ga ik gedeeltelijk laten zien dat ik dit in me heb. Ik ga bij de leerlingen meehelpen (uitleggen en voordoen) van bepaalde samenwerkingsopdrachten (in groepjes). resultaat: verslag (ook een beeldend verslag) van projecten en opdrachten en tips en kritiek van docent (en hoe ik ernaar gehandelt heb.) G. Omgevingsgerichtheid kern: op de hoogte blijven van kunst en cultuur en daarover ook in discussie gaan met leerlingen en docenten. G1: Je neemt deel aan discussies over kunst en onderwijs; je onderneemt zelfstandig activiteiten om inzicht in kunst en cultuur te vergroten. G2: je houdt je op de hoogte van werk en ideen van kunstenaars en/of vormgevers uit eigen en andere culturen, en laat je daardoor inspireren voor zowel eigen werk als dat van leerlingen. werkplan: kunstnaars en kunstwerken opzoeken die passen bij het thema of de opdracht waar de leerlingen mee bezig zijn of nog mee moeten beginnen (eigen inbreng). Maar ook kan ik dat weer voor mijn eigen werk gebruiken dus stop ik na mijn stage alles in mijn dummy. Ik ga ook naar tentoonstellingen en kijken bij werk van anderen op school en in de omgeving van school. Ook ga ik de discussie aan met leraren en leerlingen met als onderwerp kunst, cultuur en onderwijs. resultaat: gesprekken op papier, notities van eventuele vergaderingen, kunstenaars/kunstwerken, eigen inbreng en korte beschrijvingen van bezoekjes van mijzelf aan culturele instelingen en activiteiten.

Uitwerking Competenties
B. Vermogen tot reflectie en ontwikkeling B4: je hebt een goed beeld van je sterke en zwakke kanten, en je hebt persoonlijke methode om aan je ontwikkeling te werken. Ik denk dat ik een goed beeld heb van mijn sterke en zwakke kanten. Wat daaraan heeft meegedragen zijn de gespreken met mijn stagepracticumdocent Guido. Na bijna elke les gingen we even alles doornemen. Wat ging er goed? Wat ging er minder? Wat zouden we daar aan kunnden doen? Dat soort dingen. Ik schreef dit comentaar natuurlijk elke keer weer op en nam dit mee naar elke les. Zo herinnerde ik mezelf steeds weer aan die punten die ik vol moest houden of juist moest verbeteren. Niet alleen dat wat de docent op viel schreef ik op. Ik merkte ook dingen aan mezelf. Een van die dingen was bijvoorbeeld de angst om voor de vierde klas te staan bij PDT. Deze leerlingen zijn ongeveer net zo oud als ikzelf. Aan het begin merkte ik dat leerlingen dit ook wisten en zich weinig van mijn commentaar aan trokken. Mijn zelfverzekerde houding werd op dat moment onzeker. Toen gebeurde het volgende: Guido was ziek en gaf het iets te laat door aan de school en vergat het ook aan mij te vertellen. Het gevolg: een twintigtal pubers die denkt alles te kunnen doen en zeggen. Ze waren allemaal boos dat ze voor niks zo vroeg naar school waren gegaan. Het eerste uur wist ik niet wat ik daarmee moest. Ondanks dat de staigaire van Angel Gelens, Vicky de Kapitein, mee kwam helpen, kregen we de klas niet aan het werk en rustig. Een aantal had een grote mond of liep gewoon de klas uit om te gaan roken. Vicky en ik wisten niet wat we moesten doen. We probeerde iedereen weer te verzamelen en aan het werk te krijgen, maar toen kregen we de opmerking: Maar jullie zijn onderhandt even oud als wij zijn, waarom zou ik iets van jullie aannemen? Sowiesow weten jullie bijna niks! En jullie laten ons hier maar zitten. Ik wil naar huis! Ik voelde me toen aangesproken, aangezien Vicky een Pro is met Illustrator. Ik daarintegen had daar nog nooit mee gewerkt aangezien wij op de ABV daar helemaal niet voor worden opgeleidt. Een paar minuten later ging de bel. Pauze! Even alles op een rijtje gezet. Toen besloot ik voor een andere aanpak. Ik heb rustig aan de klas uitgelegd dat ik ook voor niks op school zat, en ik om 6 uur op moest, terwijl Guido ziek was. Ik baalde dus net zo hard als zijzelf. Ik vertelde ze ook dat ik er niks aan kon doen, Guido er ook niks aan kon doen dat hij ziek was en ik dus helemaal nooit met Illustrator had gewerkt en het voor mij dus heel hard werken is om bij te benen. Toen ineens veranderde de sfeer. De leerlingen en ik creerde op die dag een band. Ze zagen in dat ik hard werkte om hun bezig te houden en dta motiveerde ze om toch nog wel even te gaan werken. Ook heb ik die dag nog wat gebabbeld met Rowena. Zij was het meest boos en kwam met verhalen dat ze ADD had en dit en dat en haar moeder zag ze nooit. Ik ben even met haar gepraat en gaf ook iets van mijzelf bloot door te vertellen van mijn ervaringen met ADD. Ineens zag Rowena dat ik haar serieus nam en was ook Rowena tevreden met mij voor de klas. Toen Guido de week erop mij met hun bezig zag moet hij vast geschrokken zijn. Ook met hun had een een goede band gekregen. Als je zorgt voor een goede sociale sfeer in de klas, bevordert dat de werksfeer ook ten goede.

C. Pedagogisch vermogen C1: je verantwoord je pedagogische opvattingen Zoals ik net al zei hebben Guido en ik veel gesprekken gehad na iedere les. Over veel pedagogische opvattingen qua lesgeven, hadden ik en Guido dezelfde mening. Een van die dingen waar ikzelf niet uitkwam had te maken met straf geven en consequent zijn. Ik merk bij mezelf dat ik dat heel erg hard nodig heb, consequent zijn. Bij deze VMBO leerlingen is dat al helemaal. Ik merkte dat Guido zo niet ingesteld was. De ene keer gaf hij iemand straf, maar zei dan aan het einde van het uur dat wat de leerling deed fout was, maar hij er geen straf voor krijgt, terwijl hij dat bij de ander niet deed en deze leerling gewoon na moest komen. Als ik hem ernaar vroeg zei hij: ja maar leerling A heeft het moeilijk thuis en school is haar uitlaatklep. Terwijl leerling B heeft het thuis wel goed en die moet gewoon straf krijgen anders leert hij er niks van. Ik vondt dit echt heel erg oneerlijk voor leerling B. Iedereen is gelijk op school is mijn mening. Maken 2 leerlingen precies dezelfde fouten, dan krijgen ze ook allebei dezelfde behandeling. Als mentor is de achtergrond van elke leerling belangrijk, maar bij een les handvaardigheid als iemand gewoon aan het kletsen is, of iets doet wat niet mag, moet daar gewoon gestraft worden. En het is absoluut niet zo dat Guido geen straf geeft. Naar mij mening doet hij dat zelfs te veel. Elke les wordt er wel iemand naar buiten gestuurd die daarna moet nakomen. Naar mijn idee veel te veel. Je kunt niet alles oplossen met straf. Je moet kijken naar waar het echt mis gaat. Wat kunnen we daar echt aan doen? Een gesprek? Een belletje naar zijn of haar ouders? Negeren? Hem aan een andere tafel zetten? Maar alleen maar straffen haald niet het beste bij die leerlingen naar boven denk ik. Sommige jongens vinden het zelfs stoer om te vertellen dat ze al 3 keer geschorst zijn. Dat zou op mijn oude middelbare school echt geen 2 keer gebeuren. En ja natuurlijk het zijn VMBO leerlingen, maar het zijn toch geen slaven die elke keer weer een stroomschok nodig hebben om te laten zien dat ze alweer fout bezig zijn. Je kunt het beste positieve dingen benadrukken en echte problemen met leerlingen een op een uitpraten. En natuurlijk is af en toe straffen best wel eens goed, maar niet te veel. Guido zei ook eens tegen me: Alicia en Amal zijn elke les luidruchtig. Daarom stuur ik elke week, om en om, een van de twee het lokaal uit om zich te melden. Dus wil jij vandaag Alicia eruit zetten als ze aan het kletsen is? dat vondt ik zo raar. Iedereen kletst wel eens, en ja Alicia en Amal zijn inderdaad de irritantste leerlingen in de klas, maar gepland elke week een van de 2 wegsturen vindt ik onzin. Stel Alicia is die dag rustiger dan normaal, dan ga ik haar echt geen straf geven. Dat heb ik dan dus ook echt niet gedaan. Daardoor kreeg ik het commentaar dat ik meer straf moest geven. C2: je geeft ruimte aan de inbreng van leerlingen, en houdt rekening met de verschillen tussen leerlingen bij het samenstellen van je opdrachten. Op deze stageschool zijn de opdrachten in alle klassen best wel gebonden. Er is zeker in de eerste klas weinig inbreng voor leerlingen. Dat komt omdat ze liever willen dat alle leerlingen in jaar 1 van handvaardigheid alles onder de knie hebben (materialen en technieken), zodat ze in jaar 2 daarmee aan de slag kunnen gaan. De opdracht bij handvaardigheid was bij textiel opener dan de tweede opdracht met hout. Bij textiel mochten ze nog zelf bedenken hoe hun knuffel eruit zou gaan zien en ook de stoffen mochten zelf gekozen worden. Bij hout stond de vorm, het materiaal en de afwerking al vast. Alleen de kleur waarmee gewerkt werd kon gekozen worden. Ik vondt dit persoonlijk wel jammer en ik vondt het ook wel leuk om te zien dat een paar eigenwijze leerlingen uiteindelijk kozen voor alle plankjes in kleur, terwijl het de bedoeling was dat 1 plankje gewoon houtkleur bleef zonder kleurtje. Ook waren er een aantal die niet luisterde en daarom alle plankjes dezelfde kleur gaven

zonder te de een te verdunnen met water en de ander houtkleur te laten. Guido zat daar mee mee dan ik. Als de afwerking maar goed is. zijn de figuren mooi gefiguurzaagd? Is het allemaal egaal geschilderd? Ja, dan is het prima. Toen ik de opdracht verzon voor hout (die helaas niet door kon gaan omdat dit al gemaakt werd bij techniek) was wel vrijer. De basis was het vogelhuisje, maar de afwerking (schilderen, tekst, er dingen op plakken etc.) was aan hunzelf. Bij PDT waren ze bezig met het maken van een lichtbakje. Het ontwerpje (reclame tekst: hun naam, aangezien ze reclame maken voor zichzelf) was bij iedereen weer anders. Fantasie en het zelf bedenken van het ontwerp stonden centraal. Ik probeerde ze daarbij te helpen als ze geen ideen meer hadden. Kevin bijvoorbeeld liep vast. Ik ging bij hem zitten en begon een beetje met hem te kletsen. Ik vroeg naar zijn hobbys en dat wat hem bezig hield. Ineens kwam Pamela met het idee iets met haar pasgeboren Kitten te gaan doen. Toen kwamen al gauw de verhalen van Remco over zijn slang en vogelspinnen. Kevin kreeg inspiratie en kreeg toen het idee een van zijn twee gekkos (dieren) na te maken met in zijn lijf zijn eigen naam. Nouhilla was al iets verder, die had zelf al een logo dat ze overal voor gebruikte: de afkorting NOU. Maar alleen de naam NOU in een leuk lettertype was niet genoeg. Nu nog een afbeelding daarbij zoeken die ze eventueel als letter zou kunnen gebruiken. De opdracht moesten ze maken aan de hand van hun stijlkaart. Op haar stijlkaart stond allemaal lekker eten. Ik kwam op het idee om niet letterlijk daar iets mee te doen, maar een klein ellement daarvan te pakken. Uiteindelijk kwam ze zelf op het idee om een appel te gebruiken als O. het resultaat:

Nouhilla was helemaal trots op het resultaat. Het ziet er professioneel uit dus ze heeft alle reden om trots te zijn. Iedereen had onwijs veel goede ideen, maar al gauw merkte ik dat het mis ging. Er werden bestaande logos gebruikt zoals het Adidas Logo door Christel. En Ivan gebruikte bijvoorbeeld het Basketball logo. Dat is natuurlijk niet orgineel, maar Christel drong aan om iets met Adidas te doen. Ik stelde voor het logo eens te onderzoeken. Het zijn een soort van 3 bladeren. Verander die bladeren eens in iets anders en het logo is zo aangepast dat het niet meer erop lijkt. Christel is daar even mee aan de slag gegaan, maar heeft toch besloten een geheel anders iets te doen. Een goede keuze, want dat ontwerp zei meer over haar dan dat Adidas logo. Ivan moest het logo ook aanpassen en dat heeft hij gedaan. Na het schetsen mochten ze beginnen met het uitwerken van hun idee net als je hierboven ziet bij het ontwerp van Nouhilla. Ivans logo was te moeilijk voor hem om na te maken in Illustrator, dus paste hij zijn schets nogmaals aan. En ja hoor, nu was het logo verdwenen en had hij een zelf gemaakt logo. Er was dus ruimte voor hun eigen inbreng, maar ze werden wel gecorrigeerd als deze inbreng niet goed was. Bij het geven van de uitleg heb ik rekening moeten houden met niveau. Dit merkte ik ook bij het maken van lesbrieven. Aan het begin was mijn taalgebruik, al dacht ik eerst zelf dat dit jip en janneke taal was, te moeilijk voor ze. Ook had ik bij handvaardigheid volgend Guido te veel tekst bij de opdracht hout bewerken. Uiteindelijk heeft hij hem niet meer aangepast en vondt hij het wel goed. De leerlingen konden de stof wel aan, maar het bleek inderdaad toch net iets te lang te zijn, want hun aandacht was op het einde van het klassikaal doornemen minimaal. Wat ook belangrijk is dat je moet zoeken naar herkenningspunten in de tekst. Dan snappen ze het sneller. Kortom veel voorbeelden geven en ze ook zelf naar voorbeelden vragen. Ook tijdens uitleg van al bestaande lesbrieven van scala zijn voorbeelden geven en vragen belangrijker voor het onthouden van de stof bij leerlingen. Helpen mag, maar niet het letterlijk maken van een ontwerp bijvoorbeeld, omdat de ander het niet kan of zeg maar geen zin in heeft. Beau liet door Samantha haar hele ontwerp voor haar lichtbak maken. ik zei dat Beau overnieuw zelf iets moest doen, aangezien ze er zelf iets van moet leren en het straks ook zelf in Illustrator moest worden uitgewerkt. Ze trok hier niks van aan. Tijdens het namaken van haar ontwerp/schets in Illustrator kreeg ze problemen. Ze kon het niet namaken, want ze wist niet hoe. Hoe teken je vingers? Dit keer was Samantha niet degene die haar kon helpen en moest ze het alleen doen. Dus moest ze zelf haar schets versimpellen. Ik heb ook 2 sociogrammen gemaakt van de 2 klassen PDT. Ook heb ik steeds alle punten bijgehouden en onderlinge conflicten. Door de sociogrammen te maken kreeg ik een nog sterker beeld van de onderlinge relaties. Ik vroeg ze schriftelijk (ver uit elkaar zittend) minimaal 1 en maximaal 5 mensen op te schrijven met wie ze graag samenwerken en aardig vinden. En of ze iemand niet aardig vonden of niet mee samen wilde werken. (deze optie was optioneel en daar hoefde niet minimaal 1 iemand ingevuld te worden.) ik heb door middel van de sociogram en punten mensen uit elkaar gezet die minder goed waren of juist de toppers van de klas zijn, maar ook mensen die normaal nooit met elkaar zouden samenwerken. Het effect werkte niet altijd, maar bij de meeste wel. Donna bijvoorbeeld wou niet met Seda samenwerken. Donna is de perfecte student: altijd hoge punten, nette kleren, altijd rustig terwijl Seda altijd ene grote mond heeft, slechte punten haald en zich wat te sexy kleed. Ik heb die 2 bij het in elkaar zetten van het lichtbakje bij elkaar gezet. Het resultaat. Donna haatte Seda niet meer, en Seda vondt Donna eigenlijk ook best wel aardig.

Daarnaast haalde donna het punt van Seda steeds weer wat omhoog. Bij techniek bijvoorbeeld (het in elkaar zetten van het lichtbakje) was Seda super geconcentreerd en verliep alles goed. Ook Donna werd wat losser en werd naast een goede student ook wat spraakzamer. (voor zichzelf opkomend) sosiogrammen:

ook is duidelijk te zien dat groepsvorming ook anders is per groep. Allebei klas 3, allemaar PDT en allemaal clusterklassen en toch zo verschillend. Maar ook het klaslokaal zorgde voor de groepjes. (ronde tafels) PDT klaslokaal:

Het niveau van leerlingen was voornamelijk bij techniek (een onderdeel van PDT) zichtbaar. De een deed alles perfect volgens de lesbrief en was zo klaar. De ander moest steeds weer opnieuw beginnen omdat het fout ging. Vaak kwam dat door gewoon overal overheen te lezen, maar bij een aantal leken ze gewoon niet genoeg technisch inzicht te hebben. bij het maken van het lichtbakje zelf bij klas 3 zag je de verschillen in dat inzicht. Hieronder een voorbeeld van de leerlingen waarbij het wel gelukt is:

D. Didactische vermogen D1: Je ontwerpt lessen en lessenseries, en zorgt voor variatie en een heldere opbouw; Je kunt methodisch verantwoord lesmateriaal ontwerpen waaronder digitaal en kan dit materiaal in je lessen inzetten; Je bent in staat een vaklokaal stimulerend in te richten. Bij handvaardigheid kreeg ik gelijk al in de eerste week de vrijheid om zelf een lesbrief te maken voor een voledige periode van 6 weken met als thema Hout. Helaas waren de leerlingen nog niet klaar met textiel. Dat moest dus nog eerst afgemaakt worden. De theorie was al wel doorgenomen, maar

de praktijk, een eigen knuffel maken, was nog niet af. Dat kwam mede door dat sommige leerlingen gewoon de eerste paar weken (toen ik nog niet stage liep) vrij weinig aan de knuffel hadden gedaan, het niveau te hoog gegrepen was voor de klassen, Guido zelf ook niet zo goed was in naaien en dus moeilijk kon helpen, de leerlingen te traag werkte en veel fouten maakten, waardoor ze steeds weer opnieuw moesten beginnen. Ga zo maar door. Maar goed ik mocht dus alvast een lesbrief maken voor hout. Dus ik begon gelijk aan mijn eigen lesbrief die ik binnen een dag af had. (zie bijlage 1) Deze liet ik natuurlijk de dag erna trots zien. Pas toen kwam Guido met de melding dat de docenten van het Scala volgens een bepaalde manier lesbrieven maakten. Hij liet me een bestand zien: Format Lesbrief. Hierin stonden de regeltjes van de lesbrief die hun hanteerden in hun lessen. Ik veranderde mijn lesbrief in de lesbrief volgens deze regeltjes. Ook kreeg ik ruimte voor mijn eigen theorie, waarbij ik rekening moest houden met het niveau van de leerlingen qua taal. De lesbrief die ik toen maakte (zie bijlage 2) werd goedgekeurd. Dus deze zouden we gaan gebruiken in de les. Nog geen week later kwam de grote teleurstelling. Bij techniek klas 2 werd ook al een vogelhuisje gemaakt. Dus kon dit natuurlijk niet ook gebeuren in klas 1, ook al zag het huisje er anders uit. Een vogelhuisje is en blijft een vogelhuisje. Dus moesten we op het laatste moment tijdens een korte vergadering iets nieuws bedenken voor de praktijk, want mijn theorie zou wel gewoon gebruikt worden. Kim kwam met het idee: 3 plankjes figuurzagen, deze met latjes ertussen achter elkaar plaatsen. Kim zorgde binnen een dag voor afbeeldingen: lijnen van een landschap. Deze konden de leerlingen met behulp van carbonpapier op het hout overtrekken. Dan konden ze deze lijn zagen met een figuurzaag. De uitwerking bedacht ik samen met Angel Gelens (docent beeldend). Angel wilde graag kleur gebruiken voor de plankjes. Het plan was 1 basiskleur te kiezen en deze op verschillende manieren op het hout aan te brengen. Het achterste plankje bijvoorbeeld donkerblauw (acrylverf zonder iets erbij aanbrengen met een kwast of rollertje), het middelste plankje lichterblauw (acrylverf verdunt met water en als dit droog was nog een laklaag er over heen) en het voorste plankje werd gewoon de hout kleur (alleen een laklaag). Natuurlijk moest hier ook een lesbrief voor komen en ook daar mocht ik voor zorgen (zie blijage 3). Al gauw was het zo dat een aantal leerlingen in opstand kwamen, ze wilden dat ook het voorste plankje een kleur had en alle plankljes voorzien werden van een laklaag. Ondanks mijn lesbrief, hebben we in overleg besloten dat de leerlingen zelf mochten kiezen of ze dat graag wilden. Ze moesten in ieder geval het van licht naar donker idee aanhouden en de plankjes moesten mooi gezaagt en geschuurd zijn. Ook moest er rekening gehouden worden met dat het achterste plankje hoger moest zijn dan het plankje daarvoor. Als ze zich daar aan hielden was een kleine aanpassing geen probleem. hieronder zie je een voorbeeld van Meike. Zei was als een van de eerste klaar en was ondanks dat 2 van haar plankjes kwijt waren geraakt super trots op haar werkje. Terecht! Het zag er mooi uit, alleen jammer van de naam die nog steeds zichtbaar was door de verflaag heen. Helaas heb ik de werkjes niet af kunnen zien aangezien ze hier nog enkele weken mee bezig zouden zijn.

Ook waren er een aantal leerlingen die te druk waren met kletsen en daardoor niets van de opdracht begrepen hadden. Het resultaat: leerlingen die alle plankjes dezelfde kleur en dikte van die kleur gebruikte. Dat was natuurlijk niet de bedoeling. Maar wat het vaakste fout ging: de zaagjes die braken. Ze kwamen steeds bij mij vragen of ik het voor ze deed. Ze hadden of zelf geen zin of hadden niet opgelet hoe ze dat moesten doen. Er was maar een enkeling dat gewoon het zaagje niet open kreeg doordat ze daar simpelweg niet sterk genoeg voor waren. Op een gegeven moment gaf Guido aan dat ik ze zo veel mogelijk moest stimuleren dit zelf te doen. Gelukkig werd dit goed opgepikt bij beide klassen handvaardigheid. Ook maakte ik voor PDT klas 3 een powerpoint presentatie en nam ik boeken en voorbeelden mee. Ik miste ten eerst bij hun de boeken. De leerlingen maken alleen gebruik van het internet en van de lesbrieven die ze krijgen. Boeken lijken hier gewoon niet te bestaan. Gelukkig werden de boeken goed ontvangen en vonden ze het super leuk om door te kijken en te kijken naar iden voor hun eigen lichtbakje. Dat was namelijk de opdracht waar ze mee bezig waren. Een super leuke lesbrief naar mijn idee. de lesbrief bestond al, maar ik mocht hem wel helemaal geven. Als inleiding nam ik de theorie door en daarna liet ik zien hoe de leerlingen moesten plotten (zei bijlage 4 voor de lesbrief en bijlage 5 voor de opdracht Plotten). wat was de opdracht? De leerlingen moesten een lcitbakje gaan maken (techniek) en moesten op het glas hun eigen reclame plaatsen. De opdracht voor het ontwerp: het moest geplot worden door henzelf en deels door de plotprinter die op school aanwezig is. Het ontwerp moest reclame maken voor jezelf dus ook je naam of je afkorting kon natuurlijk niet ontbreken in een gaaf lettertype van Dafont.com (die website gebruikte ze de vorige periode ook al). Maar wat is een goed reclame bord zonder een logo? Het logo mocht niet bestaand zijn. Ze moesten zelf iets bedenken op papier. Dit was de eerste schets. De 2de schets op papier moest de definiteive zijn. Deze moest worden uitgewerkt in Illustrator. Dan wordt n gedeelte door de plotprinter op school uitgeprint en gesneden en het makkelijkste gedeelte moesten ze zelf plotten. dat konden ze natuurlijk, want die opdracht had ik met ze allemaal gedaan. Want hoe moet je eigenlijk plotten? ik heb even thuis wat fotos gemaakt van de opdracht stap voor stap. Het resultaat is een raamsticker.

de opdracht verliep bij bijna alle leerlingen prima behalve bij Gaby. Gaby kende ik eerst nog niet, maar dat is een meisje dat graag aandacht wil. Ook al moet ze die op een negatieve manier krijgen. De opdracht lukte niet bij haar de verfrommelde ze haar plotopdracht. Ze ging aan haar tafeltje zitten simmen en maakte boze opmerkingen. Want het lukte niet, ze kon het niet en ze wou het niet opnieuw proberen aangezien ze er toch niks van bakte. Aandacht geven werkte averechts merkte ik wel. Ik liet haar even afkoelen en uiteindelijk probeerde ze het alsnog opnieuw met succes als gevolg. Wat wel even lastig was tijdens de stage was het werken met Photoshop en Illustrator van het programma Adobe. Ik had hier weinig tot nauwelijks mee gewerkt voor ik begon met deze stage. Ik merkte dat ik de leerlingen niet altijd kon helpen, aangezien zij hier meer vanaf wisten dan ikzelf. Dat moest veranderen vond ikzelf. Eerst begon ik onzeker en merkte ik aan de leerlingen dat ze me niks meer vroegen, omdat ze wisten dat ik ze niet kon helpen. Uiteindelijk ben ik leerlingen gaan vragen of ze me er mee wilden helpen, ook Guido en Vicky (de stagiaire van Angel Gelens) vroeg ik om hulp. Al gauw had ik mijn zelf vertrouwen terug en begon ik zelf te oefenen en merkte ik dat ik de leerlingen wel kon helpen. Nog niet alles wist ik, maar gelukkig kon ik de meeste leerlingen precies uitleggen hoe iets moest. Een van de opdrachten die vaak bij Handel Verkoop Reclame en PDT terug kwam was een knipmasker maken. hieronder zie je daar een voorbeeld van. Voordat ik deze les gaf heb ik het natuurlijk eerst zelf ook geprobeerd (zie hieronder) De opdracht was: een knipmasker maken van een danser. Dan moesten ze dit knipmasker inkleuren met zwart zodat het een silhouet werd. deze opdracht zou later nog terugkomen bij HV-RC bij het maken van een flyer voor Dancetour.

Ook heb ik voor de competentie D1 een vaklokaal stimulerend moeten inrichten. Dit heb ik tijdens de voorbereidingen van de open dag (zie competentie F2) gedaan, maar ook tijdens handvaardigheid. Ik ergerde me na de eerste lessen Hout al aan de roemoerigheid tijdens het pakken van de zaagjes en het uitdellen van werkplankjes, bankschroeven en dergelijke materialen. ik zorgde dat ik elke les 10 minuutjes eerder aanwezig was. dan kon ik bij elke tafel al de spullen neerleggen. Ook besloot ik toen de eerste mensen hun werkjes gingen schilderen dat ik beter de klas kon opdelen door middel van tafels. Aan ronde tafel 1 zette ik de leerlingen neer die verfden, aan de 2de ronde tafel zette ik de leerlingen die bezig waren met lakken en aan de overige tafels met bankschroeven werd nog gefiguurzaagd. Dit werkte prima. Ook werden vriendinnengroepjes uit elkaar gehaald. Er ontstonden nieuwe groepjes en ook nieuwe vriendschappen. En dat al op zon korte termijn. Dat was echt heel erg leuk om te zien. D2: Je neemt de belevings- en ervarings- wereld als uitgangspunten van je lessen beeldende vorming; je bervordert de zelfstandigheid van leerlingen. een hele leuke competentie waar bij communicatie het aller belangrijkste is. dit verliep aan het begin nog een beetje moeilijk. Eerst kwam dat door onzekerheid en daarna doordat ze me te veel als een docent zagen. Ik vindt dat de relatie docent en leerling nog steeds duidelijk moet blijven, maar genteresseerd zijn in je leerlingen kan geen kwaad. Een goed band met een leerling doet wonderen. ik vroeg leerlingen vaak naar hun mening over bepaalde dingen die te maken hadden met de theorie van hun lesbrieven. Dat was dan de opstap. Uiteindelijk ga wat meer bij groepjes zitten naarmate ze zelfstandiger aan het werken zijn. Terwijl ze doorwerkten laste ik bij elk groepje ongeveer 5 minuten kletsen in. het resultaat: de leerlingen kwamen er achter dat ik wel docent was (stagiaire), maar ook ik graag ging winkellen bij de Primarc, ik ook naar de bios ga, ik ook een vriendje heb, ik ook de bij kunstgeschiedenis wat leerde over de Koran en ik dezelfde hobbys deelde (en meningen) als de leerlingen zelf. Ook liet ik ze iets van mezelf zien, met als reactie dat zij ook iets van hunzelf vertelde en ik dus meer over hen te weten kwam. Dit was handig bij opdrachten als ze bijvoorbeeld gebruik moesten maken van hun hobbys kon ik ze op weg helpen aangezien ik al wat van hun hobbys wist. Een band is sowiesow leuk. Ik merkte dat sommige leerlingen goed hun best deden, zodat ze trots aan mij konden laten zien wat ze in zich hadden. Ik denk dat dit komt doordat ik in ze geloofde. Ik ergerde me dood aan dat wat er veel gezegt werd op die school. Ze kunnen weinig en als ze iets leren is dat al heel wat. Terwijl er zit zo veel meer in ze. En misschien niet eens op het gebied van theorie, maar iedereen heeft wel een sterk punt (Iets waar ze goed in zijn). En ik vindt dat doorzettingsvermogen het meest waardevolle is wat een leerling kan hebben. dat moet je stimuleren. En een band scheppen met je leerlingen, laten zien dat je om ze geeft en je laat zien dat je in ze geloofd dan stimuleerd dat het zelfvertrouwen van de leerling. Dat is super gaaf om te zien.

E. Interpersoonlijk vermogen E1: Je toont betrokkenheid en enthousiasme op de ABV en in je stageschool. volgens Guido was ik erg betrokken en had ik veel enthousiasme. Daardoor heb ik veel geleerd. Ik ben meer uit mijn schulp gekropen als docent. Ik heb zelfvertrouwen gekregen door gewoon te oefenen en naar kritiek te handellen. Daarnaast hoorde ik van leerlingen dat ze mij een super gezellige juffrouw vonden die altijd tijd had voor ze ook buiten de lessen om. Tijdens de voorbereidingen van de stage heb ik denk ik ook laten zien dat ik keihard meehielp om voor een succesvolle open dag te zorgen. Ook heb ik me verdiept in werk van docenten en zelfs van de directeur. Dat kon ook niet anders want een aantal van die kunstwerken stonden gewoon midden in de school. De school zelf was sowiesow heel mooi aangekleed met beeldend werk. Daarnaast was er alleen al n gebouw voor beeldend alleen. Dat zou op alle scholen zo moeten zijn. Kortom betrokkenheid en enthousiasme van mijn kant uit was te verwachten. E2: Je communiceert doelgericht voor een groep, verbaal en non-verbaal. Ik moet wel nog wel even letten op het staan met armen over elkaar. Dit zorgt voor een gesloten houding terwijl ik dat helemaal niet bij me past. Voor de rest vertel ik luid en duidelijk en met af en toe een grapje hier en daar. Het was soms wel nog even moeilijk truucjes te verzinnen om eerstejaars stil te krijgen tijdens handvaardigheid, maar naar enkele weken had ik ook dat onder de knie. Volgens leerlingen vertel ik prettig en niet onduidelijk. E3: Je corrigeert ongewenst gedrag en wardeert gewenst gedrag. hierover hadden ik en Guido veel discussies. Ik ben voor consequent zijn, maar Guido was dat een stukje minder. Vooral als het om straffen uitdelen ging. Want volgens hem kon je niet bij eidereen consequent zijn. want leerling A heeft het thuis heel erg slecht en school is dus haar uitlaatklep, Leerling B daar is niks mee aan de hand dus daar is straffen gewoon goed voor. Dat vondt ik zo raar. Op school is iedereen gelijk vind ik. Kijk als een ouder van een leerling overleden is en ze reageert de komende weken boos en brutaal, dan snap ik dit wel. Maar dan kun je best wel even melden dat dit ook op een normale manier kan. Ook al heeft iemand het thuis slecht. Dat heeft niks te maken met het kletsen op school. Dus gewoon straf net als elke andere leerling die te ver gaat. Ook kwamen er 2 leerlingen ter sprake die inderdaad vaak luidruchtig zijn. Guido vertelde me dat hij iedere week n van de 2 er uit stuurd. Dan werken ze in ieder geval. Ik vroeg hem of hij dat ook deed als de twee iets minder druk als normaal waren. Ook dan deed hij dit, om zowel de rest van de klas te laten schrikken en omdat de twee meiden dan in ieder geval wel wat beter werken dan normaal. Mischien is een andere plek misschien een beter oplossing. Maar elke week dezelfde twee leerlingen straffen vindt ik een beetje onzin. Als het nodig is mag het eens in de zoveel tijd, maar probeer het te vermijden en probeer andere methodes. ik denk dat dat beter is. ik heb het hier vaak met Guido over gehad en ik denk dat Guido mijn standpunten ook wel snapte. Ik vondt het namelijk erg veel dat hij bijna elke les er minimaal 2 uitstuurd, waarvan er minimaal 5 per week moeten nablijven. Ik denk sowiesow dat een gesprek zonder de rest van de klas erbij al wonderen doet. Guido vondt aan het begin dat ik meer moest straffen, maar ja je kunt niet alleen maar straffen om het straffen. Het moest wel nodig zijn. Nadat hij dat zei ben ik wel strenger gaan letten op het gebruik van de telefoon in de klas dat verboden is op het scala. Ik heb mijn eerste telefoontjes afgepakt, na het eerst waarschuwen, gecombineerd met straf. Je merkte gelijk aan de rest van de

klas dat ze hun telefoontjes braaf in hun tas of kluisje lieten, want ook ik gaf daar dus straf voor. aan het begin van de stage durfde ik denk ik nog niet echt straf te geven. Je wilde natuurlijk ook een beetje in de smaak vallen van de leerlingen. 2 dames bij PDT testte mij in de eerste weken uit door boos te worden toen ik ze vertelde dat ze de opdracht fout deden doordat ze tijdens mijn uitleg wegliepen. Ze liepen boos weg, scholden me uit voor trut en kutwijf. Daarnaast vertelden ze daarna tegen Guido dat ik het niet had uitgelegt en dat ze het daarom fout hadden gedaan. Guido vondt dit natuurlijk een sterk verhaal aangezien de rest van de klas de opdracht duidelijk wel had begrepen. Ik was bang dat deze 2 dames me gingen haten. Dus ik ben bij ze gaan zitten en ben de confrontatie aangegaan. Ik vroeg ze waarom ze zo reageerde en dat ik ze gewoon ging helpen als ze maar met respect met mij zouden omgaan. Uiteindelijk merkte ik dat op een gegeven moment de knop op ging bij alle twee en ze mij ineens wel tof vonden. Ik liet ze iets vrijer en beloonde ze met complimenten als ze wel goed gedrag vertoonde. Uiteindelijk had ik aan het einde van de stage totaal geen last meer van die twee. Daar was ik enorm opgelucht over. Gewenst gedrag wardeerde ik heel goed durende mijn stage. Opdrachten die goed waren uitgevoerd liet ik klassikaal zien waardoor iedereen hard ging werken om ook maar geshowt te worden in de klas. En de leerling die het goed deed kreeg een positief gevoel. Ook gewoon simpelle complimenten als je doet het goed, prima en ga zo door hielpen enorm voor de motivatie van zon leerling. Maar ook meehelpen dan (voornamelijk op PC) het weer wijzigen en het ze zelf laten doen zorgt voor een succeservaring die meestal nog waardevoller is dan een compliment van mijzelf. Bij klas 4 PDT moesten ze bijvoorbeeld een memory doosje maken voor hun gezeefdrukte memorykaartjes. Het ontwerp voor op het doosje moest eerst worden geschetst en daarna worden uitgewerkt in Illistrator. Ondanks dat dit klas 4 was waren er een aantal erg slecht met Illustrator. Ik heb daar veel moeten meehelpen en uiteindelijk waren de bijvoorbeeld Ayaan en Patricia die eerst nog niks konden waren nu ineens de beste van de klas. Gewoon om ze aan het begin even dat succesgevoel te geven. Dan zijn ze gemotiveerd, een paar complimenten erbij en ze gaan ineens super goed aan de slag. de ontwerpen van Ayaan en Patricia heb ik bijgevoegt als bijlage 6 F. vermogen tot samenwerken F1: je kunt kritiek verwerken en ernaar handellen. Ik denk dat dit ook een van mijn sterkste punten waren. Van alle lessen hield ik bij wat er gebeurde qua lesstof, qua gebeurtenissen (zie bijlage 7) in de klas en ook hield ik schriftelijk bij: de reactie na de les van Guido met eventuele tips. Elke dag hield ik dit bij. daardoor had ik een goed overzicht van mijn minpunten en kon ik makkelijker ernaar handellen. Ook was het tijdens gesprekken na alle lessen zo dat ik en Guido uitgebreidt praatte over dat wat ik goed deed, maar vooral dat wat ik kon verbeteren. De tips waren handig en ik probeerde ze elke keer de eerst komende les gelijk uit. Guido vondt dit ook een goed behaalde competentie. F2: je levert een constructiever bijdrage aan een samenwerkingproject, en neemt verantwoordelijkheid voor een taak. Voorbereiding open dag tijdens de open dag heb ik 2 lokalen vakstimulerend ingericht voor toekomstige leerlingen. Ze konden bijvoorbeeld kennis maken met het werken met textiel. We hadden knuffels neergelegt,

materiaal neergelegd om ze ook daadwerkelijk al te laten werken met naald en draad, theorie mapjes van het vak handvaardigheid neergelegt, bakken leuk versieren voor materialen textiel in te doen etc. natuurlijk moest ook het lokaal schoon zijn en stalden we heel veel werk van alle leerjaren uit op tafels. Ook vakken zoals techniek, ckv en tekenen kwamen aan bod. Bij de lokalen PDT konden werden ook werkjes neergelegt en werd het lokaal klaargemaakt om toekomstige leerlingen onder leiding van leeringen van SCALA te leren plotten. (een kijkje te laten nemen bij PDT). Ook hebben Guido en ik 2 mega puzzels gemaakt voor Frans en Engels met als afbeelding de Eifeltoren en de Big Ben. Deze megapuzzels waren voor een wedstrijdje tussen toekomstige leerlingen wie is er sneller? Team Frans of team Engels. We hebben eerst een foto op hout afgedrukt (1,5 bij 2 meter). Dan zaagde Guido de megaplaat in puzzelstukken. Ik werkte de randjes af met verf en gaf de gehele puzzel een laklaag. Ook bij andere vakken zijn we gaan kijken of we mee konden helpen. Samen met stagiaire Annemarie Peters en docent Kim zijn we nog gaan kijken bij theater en alle andere vakken of we nog wat konden doen. De dag vloog voorbij, maar het was wel leuk aangezien het resultaat fantastisch was. de open dag bleek ook geslaagd. Helaas was dat op een zaterdag en moest ik werken, anders had ik er heel erg graag bij willen zijn. De fotos zijn te vinden in bijlage 8. Voorleesmiddag Er was een heuse voorleesmiddag op het Scala. Alle eerstejaars kwamen bij elkaar (2 groepen). Per klas was de beste voorlezer uitgekozen. Deze ging iets voorlezen. Uiteindelijk werden er 3 uitgekozen als beste (kregen een boek van Mirjam Mous en een mooie boekenlegger met handtekkening) en de nummer 1 mocht naar de landelijke voorleeswedstrijd (voorrondes Noord-Brabant). Daarnaast kwam Mirjam Mous (een schrijfster van kinderboeken) langs om te vertellen over haar boeken en manier van schrijven. Daarnaast beantwoorde ze ook vragen van de leerlingen. Mijn taak was: orde bewaren en zorgen dat niemand de zaal in of uitkwam zonder een echte goede verklaring te hebben. daarnaast moesten we de klassen natuurlijk ook naar de aula begeleiden. (daar was de voorleeswedstrijd) Maar ook de aankleding (een hele grote stoel, licht en geluid) moest geregeld worden. Daar hielpen we ook aan mee. Het was een leuke middag en er is veel gelachen om de verhalen van Mirjam Mous door de leerlingen. G. Omgevingsgerichtheid G1: Je neemt deel aan discussies over kunst en onderwijs; je onderneemt zelfstandig activiteiten om inzicht in kunst en cultuur te vergroten. discussies over kunst had ik voornamelijk met leerlingen toen ik een powerpoint maakte over licht (zie bijlage 9) voor PDT halverwege het maken van de lichtbakjes, toen de motivatie weer even gezakt was. gelukkig was de motivatie er weer na de powerpoint (en dat door een paar simpelle plaatjes en korte uitleg) en kwamen de discussies over dat wat wel mooi en wat niet mooi was. Bruce Nauman (kunstenaar) is die nou wel gaaf of niet gaaf? Natuurlijk heb ik ze ook gevraagt naar eigen voorbeelden van lichtreclame. Discussies over kunst had ik voornamelijk met Guido en mede docenten. hoe pak je dingen aan? Hoe moet je handellen in bepaalde situaties? Welke stof (ook kunstenaars) laten zij zien?

ik ga samen met vriendinnen van de ABV en vrienden vaak naar tentoonstellingen, musea, concerten van bands, optredens op andere Fontys (Fontys got Talend bijvoorbeeld zijn we geweest). De leerlingen waren zelf al naar het textiemuseum geweest. Aangezien we toch nog met textiel bezig waren en er in de toets die ik mocht geven (zie bijlage 9) iets over het textielmuseum werd gevraagt ben ik er in mijn vrije tijd ook maar weer eens heen gegaan. Maar ook het Grafisch museum in breda was ik nog nooit geweest, terwijl dat eigenlijk zo dichtbij was. dus in de vrije tijd die ik had ben ik niet stil gaan zitten. Ik heb ook veel boeken en het internet (maar ook eigen bronnen uit mijn dummy die ik bijhoud voor school) afgestruind naar informatie en leuke voorbeelden die ik in mijn lessen kon inbrengen. G2: je houdt je op de hoogte van werk en ideen van kunstenaars en/of vormgevers uit eigen en andere culturen, en laat je daardoor inspireren voor zowel eigen werk als dat van leerlingen. Zoals ik net al zei ben ik altijd veel bezig met kunstenaars uit mijn eigen cultuur en eigen activiteiten, maar vormgevers en/of kunstenaars uit andere culturen hield ik me niet heel veel mee bezig. Ik merkte dat er op mijn school veel Marokaanse en Turkse leerlingen zaten. Ik ben juist aan deze leelringen gaan vragen welke kunstenaars (mag ook muziek of graffiti artist zijn) zij gaaf vonden. Siham was het enthousiast en liet gelijk een hele rits van vormgevers, muzikanten en andere artistieken personen zien. Ook hebben we het gehad over de Koran. Ze stonden te kijken dat ik zoveel wist van hun geloof en over de kunst uit hun cultuur. Dat kwam omdat we dat al wel eens op school hadden gehad. Dat was oppervlakkige basisinfo, want van deze leerlingen heb ik het meeste geleerd. Sara (Marokaanse) liet zelfs zien dat de bijbel en de koran bijna het zelfde zijn aleen qua afbeelding van personen zit een verschil. Ook waren er leerlingen die turke teksten in hun werkjes hadden gestopt, ze hielpen me met de uitspraak daarvan en de vertaling, maar dat lukte me nog niet zo goed. Ik moet wel zeggen dat de gesprekken over hun cultuur me wel aan het werk hebben gezet. Ik heb zelf nog doorgezocht op het internet over de favorieten van mijn leerlingen zodat ik ook wist wat hen bezighield en hun inspiratie was. natuurlijk lieten ze ook stijlkaarten en vorige opdrachten zien waarin hun hobbys en inspiratie duidelijk te zien waren. Die stijlkaarten (collage techniek) vondt ik bij sommige leerlingen zo interressant dat ik daar zeker op mijn eigen school ook iets mee wil gaan doen.

Aantal lesuren
week 1
maandag 10 januari 2011 begeleiding: 2 uur handvaardigheid klas 1 kijken: 1 uur hv-rc klas 3 extra: 2 uur aantekeningen verwerken op stageschool in tussenuren dinsdag 11 januari 2011 begeleiding: 2 uur handvaardigheid klas 1 les: 2 uur invallen voor docent handvaardigheid klas 2 donderdag 13 januari 2011 begeleiding: 2 uur pdt klas 4 & 2 uur pdt klas 3 kijken: 1 uur pdt klas 4 kijken: 1 uur pdt klas 3 vrijdag 14 januari 2011 begeleiding: 3 uur pdt klas 3 kijken: 1 uur hv-rc klas 3 totaal = begeleiding 11 uur = 5,5 uur + 2 uur = 7,5 uur les

week 2
maandag 17 januari 2011 begeleiding: 2 uur handvaardigheid klas 1 begeleiding: 1 uur hv-rc klas 3 extra: 1 uur voorbereiding handvaardigheid klas 1 in tussenuur dinsdag 18 januari 2011 begeleiding: 2 uur handvaardigheid klas 1 donderdag 20 januari 2011 begeleiding: 3 uur pdt klas 4 begeleiding: 3 uur pdt klas 3 vrijdag 21 januari 2011 les: 2 uur pdt klas 3 begeleiding: 1 uur pdt klas 3 begeleiding: 1 uur hv-rc totaal = begeleiding 13 uur = 6,5 uur + 2 uur = 8,5 uur les

week 3
maandag 24 januari 2011 Guido ziek dinsdag 25 januari 2011 les: 2 uur handvaardigheid klas 1 donderdag: 27 januari 2011 les: 2 uur pdt klas 3 begeleiding: 3 uur pdt klas 4 begeleiding: 1 uur pdt klas 3 vrijdag 28 januari 2011 les: 2 uur pdt klas 3 begeleiding: 1 uur pdt klas 3

begeleiding: 1 uur hv-rc klas 3 totaal = begeleiding 6 uur = 3 uur + 6 uur = 9 uur les

week 4
maandag 31 januari 2011 margot toets PPO op FHK dinsdag 1 februari 2011 begeleiding: 2 uur handvaardigheid klas 1 donderdag 3 februari 2011 begeleiding: 3 uur pdt klas 4 begeleiding: 0,5 uur pdt klas 3 les: 2,5 uur pdt klas 3 vrijdag 4 februari 2011 van half 9 tot 3 uur smiddags voorbreiding voor open dag = 6,5 uur totaal = begeleiding 5,5 uur = 2,75 uur + 2,5 uur = 5,25 uur les extra: voorbereiding open dag 6,5 uur

week 5
maandag 7 februari 2011 begeleiding: 1 uur derde klas hv-rc les: 2 uur handvaardigheid klas 1 1 uur hout op maat zagen dinsdag 8 februari 2011 les: 2 uur eerste klas handvaardigheid donderdag 10 februari 2011 les: 3 uur vierde klas pdt (Guido ziek! Onverwachts les geven, bezig houden van leerlingen) begeleiding: 0,5 uur handvaardigheid (kim) extra begeleiden: 2,5 uur voorleesdag leerlingen begeleiden. (kim) Vrijdag 11 februari 2011 begeleiding: 1 uur hv-rc klas 3 les: 3 uur PDT klas 3 totaal = begeleiding 5 uur = 2,5 uur + 8 uur = 10,5 uur les

week 6
Maandag 14 februari 2011 1 uur kijken bij HV-RC en 1 uur hout op maat zagen les: 2 uur handvaardigheid klas 1 Dinsdag 15 februari 2011 les: 2 uur handvaardigheid klas 1 Donderdag 17 februari 2011 begeleiding: 3 uur PDT klas 4 les: 3 uur PDT klas 3 Vrijdag 18 februari 2011 1 uur kijken bij hv-rc klas 3 les: 3 uur PDT klas 3 totaal = begeleiding 3 uur = 1,5 uur + 10 uur = 11,5 uur les

week 7
Maandag 21 februari 2011 1 uur kijken bij hv-rc en 1 uur voorbreiden voor handvaardigheid (plankjes op maat, verf, alles klaarzetten) les: 2 uur handvaardigheid klas 1 dinsdag 22 februari 2011 les: 2 uur handvaardigheid klas 1 donderdag 24 februari 2011 les: 3 uur pdt klas 3 begeleiding: 3 uur pdt klas 4 vrijdag 25 februari 2011 les: 3 uur pdt klas 3 begeleiding: 1 uur hv-rc klas 3 totaal = begeleiding 4 uur = 2 uur + 10 uur = 12 uur les

week 8
maandag 28 februari 2011 begeleiding: 1 uur hv-rc les: 2 uur handvaardigheid dinsdag 1 maart 2011 les: 2 uur handvaardigheid donderdag 3 maart 2011 les: 3 uur PDT klas 3 begeleiding: 3 uur PDT klas 4 vrijdag 4 maart 2011 les: 3 uur PDT klas 3 begeleiding: 1 uur HV-RC klas 3 totaal = begeleiding 5 uur = 2,5 uur + 10 uur = 12,5 uur les

totaal stage = 7,5 + 8,5 + 9 + 5,25 + 10,5 + 11,5 + 12 + 12,5 = 76,75 uur les (we moesten minimaal 50 uur stage lopen, dus daar zit ik ruim overheen.)

Vakken & totaal aantal uren:


- Handvaardigheid klas 1 (maandag) totaal aantal uren les: 8 uur totaal aantal uren begeleiding: 4 uur - Handvaardigheid klas 1 (dinsdag) totaal aantal uren les: 10 uur totaal aantal uren begeleiding: 6 uur - PDT (Presentatie Decoratie en Techniek) klas 4 (donderdag) totaal aantal uren les: 3 uur totaal aantal uren begeleiding: 18 uur - PDT (Presentatie Decoratie en Techniek) klas 3 (donderdag) totaal aantal uren les: 13,5 uur totaal aantal uren begeleiding: 6,5 uur - PDT (Presentatie Decoratie en Techniek) klas 3 (vrijdag) totaal aantal uren les: 16 uur totaal aantal uren begeleiding: 5 uur - HV-RC (Handel Verkoop Reclame) klas 3 (maandag) totaal aantal uren les: 0 uur totaal aantal uren begeleiding: 3 uur - HV-RC (Handel Verkoop Reclame) klas 3 (vrijdag) totaal aantal uren les: 0 uur totaal aantal uren begeleiding: 5 uur

Extra lessen:
- invallen voor: Handvaardigheid klas 2 (dinsdag) totaal aantal uren les: 2 uur - handvaardigheid klas 1 (donderdag) Juf Kim & Annemarie Peters totaal aantal uren begeleiding: 0,5 uur

Extra:
Voorleesmiddag totaal aantal uren: 2,5 uur Voorbereiding open dag totaal aantal uren: 6,5 uur

Samenvatting
B. Vermogen tot reflectie en ontwikkeling Ik denk dat ik heel goed van mezelf weet wat mijn goede en slechte punten waren tijdens mijn stage. Ik kijk altijd kritisch naar mijzelf en we bespraken steeds alles met mijn stagepracticumdocent. Daarnaast ontwikkelde ik mezelf op lesgebied door zelf eisen aan mijzelf te stellen (schriftelijk bijhouden) en bepaalde doelen die ik behaald moet hebben tijdens deze stage. Ook de lesbrieven schrijven zorgde voor een grote ontwikkeling, want dit had ik nog nooit gedaan. Laat staan echt voor de klas staan. Ik heb ook steeds aan mijn stagepractium docent gevraagt om zijn mening over mijn doen en denken. Dit hielp ook voor mijn ontwikkeling van leerling tot docent. C. Pedagogisch vermogen Ik heb veel geleerd over hoe je moet lesgeven, de omgang met leerlingen en wat dat voor effect heeft, maar ook hoe je kunt zorgen voor lessen die leerlingen ook erg interessant vinden omdat er veel interesses in de les verstopt zitten die zij zelf leuk vinden. Dit heb ik natuurlijk eerst wel stiekem een beetje onderzocht door vooral veel met leerlingen te praten over hun bezigheden en favorieten onderwerpen. Ook gaf ik ruimte aan de inbreng van leerlingen tijdens opdrachten. Als ze ergens het helemaal niet mee eens waren of juist een goed idee hadden kon daar best over gepraat worden bij mij om de huidige opdracht een beetje aan te passen. Als de stof maar goed blijft en de leerlingen gemotiveerd raken om hun best te gaan doen. Terwijl ik opdrachten maakten en lesbrieven merkte ik al gelijk dat er onderling (in de klas) veel verschillen waren tussen leerlingen. Niet alleesn de manier waarop je ze moest behandellen of hun cultuur, maar ook niveau moest duidelijk rekening mee worden gehouden. Iedere klas had zo zijn toppers en zijn matige leerlingen. Uiteindelijk moeten ze het wel allemaal halen. Dus ik merkte dat ik goed moest nadenken over hoe ik mijn aandacht moest verdelen en hoe ik mijn opdrachten niet te moeilijk maar ook niet te makkelijk moest maken. D. Didactisch vermogen zoals ik net al bij het pedagogische vermogen zij gebruikte ik voor mijn opdrachten ook de interesses van mijn leerlingen als uitgangspunt. Natuurlijk heb ik ook eigen boeken en kunstenaars die ik gaaf vind laten zien om de leerlingen te motiveren voor mijn bedachte lessen. Het lessen maken was erg vrij, maar de manier waarop de lesbrief eruit moest zien weer helemaal niet. Daar waren vaste regeltjes voor en je lesbrief moest dan ook elke keer weer gecontroleerd worden. Ook moest ik zorgenn dat de leerlingen zelfstandig gingen werken. Ik deed aan het begin nog te veel voor en hielp te snel, terwijl het soms beter voor de leerlingen is om zehet eerst zelf te laten uit proberen. E. Interpersoonlijk vermogen vondt zelf ook dat ik dit supergoed heb laten zien. Lees dit verslag door en je zult gauw genoeg merken dat ik deze competentie goed volbracht heb. F. vermogen tot samenwerken Kritiek verwerken deed ik ook super. Ik schreef steeds alle kritiekpunten op die ik zelf opmerkte maar ook die van Guido. Gelijk de les erna werkte ik al hieraan, zodat ik me tijdens de gehele stage zo veel

mogelijk kon ontwikkellen. Ik heb meegeholpen tijdens de voorbereidingen van de open dag en tijdens de voorleesmiddag op het Scala. G. Omgevingsgerichtheid kern: op de hoogte blijven van kunst en cultuur en daarover ook in discussie gaan met leerlingen en docenten. Ik deed wat ik altijd deed: musea bezoeken, concerten bezoeken, fotograferen, folders en boeken doorkijken. Natuurlijk was er nu een nieuwe inspiratiebron bij gekomen: leerlingen. Ook zij hebben hun inspiratiebronnen en favorieten. Maar wat vonden ze van mijn favorieten. Ik ging halverwege mijn stage vooral aan de slag met deze competentie door vooral veel te praten met leerlingen en natuurlijk ook te discusseren hierover. Ook geloof en cultuur kwam aan bod, dat kon ook niet anders met de grote hoeveelheid Marokaanse en Turkse leerlingen. Maar ook met docenten hadden we het over interesses maar ook over elkaars manier van lesgeven. Ook deelden we tips uit voor leuke musea en kunstenaars (en ontwerpers). Deze competentie was vooral ook handig voor mezelf aangezien ik dit allemaal heb kunnen gebruiken voor mijn terugkomst op de ABV.

Bijlage 1

Opdracht handvaardigheid

vogelhuisje

Het maken van je eigen Wat hebben we nodig?

- Hout - Houtmachines - Spijkers (en hamer), schroeven en/of lijm om de houtstukken aan elkaar te bevestigen. - Lineaal - Potlood - Eventueel een vijl

Afwerking
Wat mogen we gebruiken? - Verf, stiften, (kleur)potloden - Tijdschriften, afbeeldingen en teksten - Glitter stiften, bling bling zoals pailletten, kralen, touw, hout etc. Eigen ideen zijn natuurlijk ook goed!

Wees vooral creatief!

Voorbeelden afwerking

Bijlage 2

Overal om ons heen zien we het: kasten, vloeren, tafels, muziekinstrumenten en tuinhuisjes. We hebben het natuurlijk over hout.

Maar waar komt dat ene houten kastje in de huiskamer nou eigenlijk vandaan? Het komt van bomen. Behalve bladeren, naalden en schors bestaan bomen namelijk uit hout. Hout heeft een hele belangrijke functie voor de boom. Het zorgt voor het transport van water en voedingsstoffen (anorganische sapstroom) van de wortels naar de bladeren. Maar hout is ook heel nuttig voor ons als mensen. Het vormt de basis voor papier. Handwerkers en kunstenaars bewerken en verbinden stukken hout met speciale gereedschappen, wat houtbewerking genoemd wordt. Dus hout wordt gebruikt voor hobbys, beroepen en het wordt in de kunst toegepast.

Sinds dat er mensen op deze wereldbol leven wordt er al door ons gebruikt gemaakt van hout. In 1955 is er bij Blikkenveen (Drenthe) een 3 meter lange en 44 centimeter brede boomstamkano gevonden. Het is gemaakt van het hout van een grove den en is gemaakt in de tijd 8200 - 7600 v. Chr. Ook wordt hout al eeuwenlang gebruikt voor het bouwen van woningen . Tegenwoordig wordt hout vaak vervangen door andere grondstoffen zoals metaal en plastic.

Voordat we een houten kast hebben gebeurd er nog een hele hoop. De bomen moeten eerst worden gekapt. Als de boom gekapt is wordt de boom in kleinere stukken gezaagd in een houtzagerij. Daarna gaat dit hout bijvoorbeeld naar een houtbewerkingsbedrijf waar van de stukken hout mooie houten latten/balken gemaakt worden. Het hout kan dan worden geschuurd en er kan zoals bij ons voorbeeld een kast van gemaakt worden. Een likje verf of een mooie laklaag en hij kan zo in de slaapkamer staan.

Er zit wel een addertje onder het gras. Hout is een natuurproduct en het duurt jaren voor een klein takje een grote boom is geworden. Maar wij mensen hebben het hout overal voor nodig. We blijven maar bezig met het kappen van bossen, zonder er soms bij stil te staan wat we aanrichten. Het overgrote deel van alle plant- en diersoorten op de wereld leeft in tropische bossen. Helaas worden deze oerwouden in een schrikbarend hoog tempo gekapt. Niet alleen de dieren verliezen zo hun leefgebied. Ook de lokale bevolking die vaak afhankelijk is van het bos is de dupe. Maar ook is het natuurlijk zonde van bomen die bijna niet meer voorkomen. Gelukkig wordt er tegenwoordig steeds meer over nagedacht. Er worden nieuwe bomen geplant voor de bomen die gekapt worden. Ook instanties als Greenpeace en FSC zetten zich in voor de miljarden bomen die gekapt worden. Zij proberen het kappen van bomen te verminderen en te zorgen voor nieuwe bomen die geplant worden.

Je hebt heel veel soorten hout. Je kunt de verschillen zien in de nerven, jaarringen, gewicht, vochtigheid, kleur, hardheid en structuur. Maar meestal wordt hout in twee hoofdgroepen onderscheiden:

1. Loofhout
Loofhout is afkomstig van loofbomen. Loofhout wordt ook wel hardhout genoemd, naar het Engelse "hardwood", wat niets zegt over de hardheid van het hout. Er zijn ook loofbomen die heel zacht hout leveren zoals linde, populier en wilg. De boomsoort is dus belangrijk voor de hardheid, maar ook het groeiklimaat. Een harde houtsoort is azob, afkomstig uit tropische bossen in Afrika.

2. Naaldhout
Naaldhout is afkomstig van naaldbomen. Naalden zijn een vorm van bladeren. Naaldbomen kunnen ook schubvormige bladeren hebben of brede 'naalden'. Naaldbomen zijn vaak het hele jaar door groen en groeien voornamelijk in de gematigde streken en in de bergen op grotere hoogtes. Naaldhout wordt ook wel zachthout genoemd, naar het Engelse "softwood". Gemiddeld is naaldhout aanmerkelijk zachter dan loofhout. Net als bij loofhout is de boomsoort en het groeiklimaat bepalend voor de hardheid van het hout. De in Nederland meest gebruikte soorten naaldhout zijn vurenhout en grenenhout. Maar ook de kerstboom die wij kennen is een naaldboom.

Technieken
Hout kan op verschillende manieren bewerkt worden. Bijvoorbeeld: - vijlen: met een rasp - zagen: met verschillende soorten zagen (figuurzaag bijv.) - hakken: met een handbijl of een hak - glad maken: blokschaaf, schuren, schuurpapier of een schaafrasp - boren: met verschillende boren - snijden: beitel, of een mes - spijkeren: met verschillende hamers - lijmen: met lijm - buigen: door het hout aan de ene kant nat te maken en het aan de andere kant te verhitten

nabewerkingen: - verven: verf of een laklaag - bedrukken - buigen, krom laten trekken: houten planken kunnen bij bepaalde weer- en temperatuurverschillen krom trekken of opzwellen.

Veiligheidsregels: - Kijk uit met de machines: ze zijn gevaarlijk als je er niet verantwoord mee om gaat. - Als er een veiligheidsbril aanwezig is, zet deze dan op. - Lang haar in een staart: als je je haar wilt behouden moet dit wel, want de kans is er dat anders je haar tussen de machines komt. - Laat je niet afleiden als je bezig bent met machines of hamers, tangen etc. - Als je niet bezig bent met de scherpe voorwerpen, tangen en hamers leg je ze terug of voor je neer. - Niet met scherpe voorwerpen door de klas lopen: zo die je jezelf en je klasgenootjes geen pijn. - Kijk uit voor je vingers! - Volg de regels van de docent.

Timmeren om houten platen aan elkaar te bevestigen kun je gebruik maken van spijkers. Eerst ga je oefenen, zodat je precies weet hoe je dit doet. Leg een plankje op tafel of tussen de bankschroef (eventueel met een plankje eronder). Zet met je potlood een stipje of kruisje op de plek waar je de spijker wil hebben. hou de spijker tussen duim en wijsvinger met de scherpe kant op de plek van het stipje of kruisje. Hou met je andere hand de hamer een stukje boven de bovenkant van de spijker. Sla met de hamer op de bovenkant van de spijker. Doe dit een aantal keer tot de spijker er redelijk stevig in zit en je je vingers weg kunt halen. Haal je vingers weg en hou je plankje vast met die hand. Sla nu tot de spijker er helemaal in zit.

Figuurzagen Je neemt een stuk triplex of multiplex (Oorspronkelijk werd de benaming "triplex" enkel gebruikt voor platen met 3 lagen en "multiplex" voor de platen met 5 of meer lagen fineer fineer is de

benaming van heel dun hout). Je tekent een figuur (bijvoorbeeld een circel) op dit hout met potlood. Je zorgt dat de figuurzaag klaar staat om te gebruiken. Je legt het plankje voor de zaag neer op het plateau van de figuurzaag. Zet hem aan en volg de potloodlijn voorzichtig. Niet te gehaast of hard duwen, want dan breekt dit dunne zaagje. Hou tijdens het zagen je plankje stevig vast.

Kolomboormachine Met een kolomboor boor je gaten in materiaal. Voor elk materiaal zijn er andere boren. De boor zet je vast in de boorkop en je werkstuk in de machineklem. Doe het veiligheids plexiglas voor de boor als je gaat boren of zet een veiligheidsbril op en kijk uit voor je vingers terwijl je de boorkop naar beneden laat gaan. Let ook op voor je gaat beginnen waar de nood of stop knop zit voor als het mis gaat. De aanknop (de groene knop) zit daar boven. Als je klaar bent met zagen zet je hem af en haal je eventueel de boor eruit. Ruim het zaagsel op zodat de volgende leerling zonder veel troep de boormachine kan gebruiken.

De opdracht

Een vogelhuisje, gemaakt van hout. De echt benaming is eigenlijk een nestkastje.

De bedoeling is dan ook dat je hem buiten ophangt en er kleine vogeltjes daarin hun nestje kunnen maken. Je kunt je vogelhuisje natuurlijk ook gewoon ophangen in je kamer.

Wat hebben we nodig? - Hout (afmetingen worden nog bekend gemaakt) - Houtmachines - Spijkers (en hamer), schroeven en/of lijm om de houtstukken aan elkaar te bevestigen. - Lineaal - Potlood - Eventueel een vijl

Stap 1 Zorg dat de houten onderdelen de goede afmeting krijgen door gebruik te maken van een (figuur)zaag. Stap 2 Maak een gat in de voorkant waar de vogels straks door naar binnen kunnen komen. Je kunt dit doen door eerst met de boormachine een klein gat te boren en deze met de figuurzaag groter te maken tot je een redelijk groot rond gat hebt in de voorkant (groot genoeg voor de vogel hoe groter het gat hoe groter de vogels zijn die gebruik kunnen/gaan maken van je vogelhuisje). Je kunt het gat ook in zijn geheel boren met een speciale boor die grote ronde circels kan maken in hout.

Stap 3 Maak het stokje met een spijker vast. je zou hem ook kunnen lijmen of een gat groot genoeg voor het stokje kunnen maken, zodat je hem erin kunt bevestigen zonder lijm nodig te hebben.

Stap 4 Bevestig de voor-, onder-, zij- en achterkant aan elkaar met lijm of met behulp van spijkers.

Stap 5 Vijl de bovenkant van de voorkant schuin af zodat de bovenkant er perfect op past.

Stap 6 Bevestig de bovenkant.

Je vogelhuisje is nu zo goed als af!

Voor de extra ijverige leerlingen hebben we ook nog een extra opdracht: het versieren van je vogelhuisje. Dit kun je doen met: - Verf, stiften, (kleur)potloden - Tijdschriften, afbeeldingen en teksten - Glitter stiften, bling bling zoals pailletten, kralen, touw, hout etc. Eigen ideen zijn natuurlijk ook goed! Wees vooral creatief!

Ik wens jullie heel veel succes!

Bijlage 3

De opdracht We hebben nu allemaal 3 of meer landschappen en/of skylines gemaakt. Dan


is het nu tijd voor de volgende stap, het hout bewerken. Stap 1 Zorg eerst dat je de randen goed geschuurd hebt voor je verder gaat. Je wil natuurlijk dat de randen mooi zijn afgewerkt en ook splinters in je vingers zijn niet leuk. Stap 2 nu gaan we het achterste plankje dekkend schilderen. We nemen als voorbeeld de kleur zwart. We gaan dit niet doen met een kwast of penseel, maar met een verfrollertje. Zo zorg je voor een egale laag verf op het hout in plaats van een onregelmatige verflaag met druipers. Zorg dat er genoeg, maar niet te veel verf op je roller zit, anders krijg je alsnog die onregelmatige verflaag met druipers. Begin met de zijkantjes en doe dan pas het grote opppervlak dat wil ook nog wel eens helpen. Dat is ook handig met het vasthouden van je plankje aangezien de platte kant dan nog niet vol met verf zit. De verf is op waterbasis, maar kijk toch uit dat je niet jezelf of per ongelijk je buurman of buurvrouw onderkliederd. Maar om schade te voorkomen zorgen we voor een schort, een lange jas die vies mag worden of een overal. Stap 2 Het middelste plankje wordt voorzien van een gemengde laag. De laag bestaat namelijk deels uit een laklaag en deels uit een likje verf. Is je achterste plankje zwart dan zal de kleur van het middelste plankje een combinatie zijn van een donkergrijze transparante kleur waar de kleur van het plankje (licht bruin) nog licht door heen schijnt. De laag is dus half dekkend. LET OP! De verf is op waterbasis en is nog redelijk goed van de tafels en uit kleren te krijgen. De laklaag is moeilijker uit je kleren, schoenen en van de tafels af te krijgen. De laklaag droogt namelijk op als een soort lijm. Kijk dus uit dat je niet te veel knoeit! Stap 3 Het voorste plankje houden we in de orginele kleur van het plankje. Wel geven we het een laklaag. Stap 2 was een combinatie van verf en de laklaag, maar voor het voorste plankje gebruiken we alleen de laklaag. Als het goed is heb je nu 3 plankjes met een verloop van licht naar donker. (houtkleur houtkleur/verfkleur verfkleur)

heb je meer dan 3 plankjes hebt is dat geen probleem. 4 plankjes wordt lastig dus dan kies je de 3 beste uit. Heb je er 5 of 6 dan doe je de 2 achterste bijvoorbeeld zwart, de twee ervoor doe je de laklaag met een likje verf en bij de voorste 1 of 2 plankjes alleen de laklaag. Stap 4 Dan is het tijd om de plankjes achter elkaar te bevestigen. Dit gaan we doen met latjes. De latjes gaan we eerst op maat zagen met een handzaag. De lengte moet net zo lang zijn als de breedte van de plankjes. Zijn ze op maat gezaagd? Dan schuren we de afgezaagde zijkanten en bevestigen we de plankjes aan de de op maat gezaagde latjes. We gaan ze bevestigen met spijkers en houtlijm. De middelste kunnen we namelijk wel met spijkers doen, want die spijkers zie je dan toch niet. De rest doen we met houtlijm, want als je die ook met spijkers zou bevestigen, dan zou je die aan de voor en achterkant zien. Dat is natuurlijk niet mooi. Laat de lijm goed drogen en klaar is kees!

Succes!

Bijlage 4
Deze bijlage zal ik er los bij mailen aangezien ik deze alleen digitaal kon krijgen als een PDF.

Bijlage 5

Bijlage 6

(Patricia)

(ayaan)

Bijlage 7

PDT klas 3 donderdag Donderdag 13 januari 2011 PDT 3.3 Cluster 2 B3AB-K3CDEF Klas 3 lokalen 1.17 1.18 0.13 docent geeft uitleg voor wat de bedoeling is voor de komende uren. (3 uur): * opdracht 1 t/m 8 moet af zijn docent zegt erbij dat iederereen het af moet hebben en hij iedereen individueel bij zich zal roepen om te kijken of ze het ook wel echt af hebben. (extra opdracht als ze klaar zijn met opdracht 1 t/m 8). extra opdracht: Opdracht die aansluit op dafont opdracht. Leerling heeft geen lesbrief gehad Docent controleerd door te vragen of ze dat wel zeker weet. Uiteindelijk print hij een nieuwe voor haar uit. Opdracht 4 Adobe Illustrator: wat gaan de leerlingen gebruiken?

- Lettertype Modern no 20 (grijs)- het gegeven: de letter a.

- pennetje De bedoeling is dat ze de letter a over gaan tekenen met het pennetje. Door met je muis aan de lijnen en punten te trekken die je neer zet kun je digitaal lijnen maken die dezelfde kromming hebben als de letter a. zo volgen ze de contouren van de a. Een gedeelte van de leelringen print hun a met lijnen uit. Een aantal zijn perfect, maar er zijn ook een aantal leerlingen waarvan hun lijntjes niet helemaal overeenkomen met de contouren van de letter a. Deze leerlingen passen hun a aan en printen hun opdracht nogmaals uit.

Opdracht 2/3 Zelf letters maken. Letters onstaan door een mengelmoes van lijnen en circels. Dat is ook zo bij cijfers. Er zijn veel verschillende lettertypes en dus ook veel verschillende manieren om de letters te maken. De voorbeelden van de letters a en het cijfer 2 staan met uitleg (grootte van lijnen en circels, hoe maak je de letters en cijfers) op het stencil dat ze allemaal gekregen hebben. De letters en het cijfer moeten getekend worden met potlood op een vel A4 papier. De lijnen van de 2 zelf (zie hiernaast) mogen niet verdikt worden. Toch zijn er een aantal leerlingen die dat toch doen, waardoor Guido niet goed kan zien of het met passer goed gelukt was bij de leerlingen. (hiernaast is het ingekleurd ter verduidelijking) Opdracht 1 je naam + 25 woorden in een lettertype van dafont.com Ze moeten eerst een leuk lettertype zoeken op Dafont.com en dan hun naam met die letters maken. Als dit uitgeprint is dan kunnen ze beginnen met deel 2 van de opdracht. Op hun stencil staan 25 woorden die iets omschrijven. Een voorbeeld van zon woord is Kerstkaart ze zoeken dan een lettertype dat daarbij hoort. Zie hieronder een voorbeeld. Het is de bedoeling dat ze uiteindelijk 25 verschillende lettertypes hebben.

Een van de andere dafont opdrachten is de volgende: ze moeten voorbeelden zoeken van scripten en manuaren in tijdschriften. "Scripten" is de internationaal begrijpelijke aanduiding voor schrijfletters. Dit zijn op handschrift gebasseerde letters."Manuaren" zijn met pen, kwast of penseel geconstrueerde letters. Ook staat er op het stencil een stukje theorie bij dat gaat over fantasieletters, schreefloze letters, dikke letters en dunne schreven. ze moeten uiteindelijk een tekst die ze krijgen aanpassen: bold maken, cursief maken etc. kortom de theorie verwerken in de tekst om deze aantrekkelijker te maken.

Donderdag 20 januari 2011

PDT 3.3

Cluster 2 B3AB-K3CDEF Klas 3

lokalen 1.17 1.18 0.13

Letters (Construeren) 1 t/m 8 moet af zijn, docent controleerd bij alle leerlingen en ze moeten individueel langskomen bij hem om de gemaakte opdrachten te laten zien aan de docent. Als leerlingen klaar waren mochten ze gaan leren voor de toets of alvast beginnen met het oefenen van plotten. Leerlingen pakken hun Artbox (zelfgemaakte houten papierhouder) met daarin hun werk. Leerlingen krijgen een stukje theorie over het maken van een eigen lettertype en gaan zelfstandig verder met

hun opdrachten. Niet iedereen in de klas loopt bij. Je merkt dat dat in deze klas per leerling weer verschillend is. Nivieau en werkhouding dragen hier aan bij. Donderdag 27 Januari 2011 PDT 3.3 Cluster 2 B3AB-K3CDEF Klas 3 lokalen 1.17 1.18 0.13

Toets letters 1 uur de tijd voor de toets Letters. De toets verliep rustig.

Plotten Ik begon met het kort uitleggen (10 minuten) en het voordoen van de oefening (plotten: sticker maken) en waarom we die oefening gingen doen (5 minuten). Terwijl iedereen met de plot-opdracht bezig was liep ik rond in de klas. Als leelringen hulp nodig hadden hielp ik ze daarbij. Gelukkig waren de leerlingen over het algemeen gemotiveerd en gingen goed aan de slag. af en toe moest ik de leerlingen er wel op laten wijzen dat ze niet door de klas moeten lopen met een stanleymesje in hun handen, omdat dat heel erg gevaarlijk kan zijn. Aanvaring met Amira en Nouhila tijdens mijn uitleg waren 2 leerlingen heel erg roemoerig. Ik vroeg ze enkele keren stil te zijn, omdat ze anderen afleidden en ze straks misschien niet zouden weten wat ze moeten doen. En idd dat laatste gebeurde ook. Iedereen ging aan de gang met opdracht en zo ook deze 2 leerlingen. Tijdens het rondlopen kwam ik erachter dat zij het fout deden en ik wees ze daar op. Ze werden boos en riepen boos door het klaslokaal dat ik het ze niet of verkeerd had uitgelegt en ze nu opnieuw moesten beginnen door mij. Ik wees ze op het feit dat ze aan het kletsen waren tijdens mijn uitleg en ze het dus gewoon niet begrepen hebben daardoor, want de rest van de klas deed het wel goed. Toen werden de 2 nog bozer. 1 van de twee stond op, maakte van haar werkje een prop en liep naar de prullenbak. Toen mompelde ze nog snel ff dat ik een trut was en een kut jufrouw. Op dat moment stond mijn mond open van verbazing en nog voor ik iets kon doen liepen die 2 naar buiten. Even later kwamen ze terug en gingen ze zitten. Ik liet ze even afkoelen en op het moment dat ik ze te woord wou staan kwam Guido binnen. Meteen gilde de 2 leerlingen dat ik niks had uitgelegt en het verkeerd deed. Dus ik leg kort de situatie aan hem uit en Guido gaf al aan dat het niet klopte wat de 2 leerlingen beweerde. Het was namelijk niet logisch dat het aan mijn slechte uitlag lag aangezien de rest van de klas wel de opdracht had begrepen en alleen hun tweetjes niet. Toen de rest van de klas geen hulp meer nodig had heb ik individueel nog even de opdracht uitgelegt en voorgedaan. Ik zorgde ook nog even voor een kort gesprekje met de 2 leerlingen. Uiteindelijk zagen de leerlingen wel in dat dit gedrag helemaal nergend voor nodig was. aan het einde van de les ruimde iedereen netjes zijn spullen op en verlieten het lokaal rustig. Ook de 2 leerlingen die eerst nog boos op mij waren liepen vrolijk met een tot volgende week jufrouw het lokaal uit. tips docent: - schelden is melden, dus de volgende keer als er trutof kut jufrouwwordt geroepen. Moet ik ze naar meneer luijten sturen. - aandacht verdelen onder alle leerlingen. Niet alleen de lastige leelringen.

- Zijn leerlingen aan het pingen of smsen zijn op hun telefoon moet ik ze meteen afpakken. Als je n keer laat zien dat je de regels van de school goed nastreefd durven ze niet zo gauw meer hun telefoon te voorschijn te halen. Ook niet bij de stagaire. Die macht heb jij ook, net als ik als docent. - Uitleg over plotten was voor iedereen die geluisterd had duidelijk, want iedereen ging goed aan de slag. Donderdag 3 Februari 2011 PDT 3.3 Cluster 2 B3AB-K3CDEF Klas 3 lokalen 1.17 1.18 0.13

Ik begon met het klasikaal doornemen van de theorie en gaf ook voorbeelden van de verschillende soorten lichtreclames (20 minuten, inclusief het stil krijgen van de klas). Daarna heb ik uitgelegt wat de opdracht is (een eigen lichtbak maken: zie bijlage). Leerlingen die nog niet geoefend hadden met plotten, omdat ze er vorige week niet waren gaf ik opnieuw de uitleg. Natuurlijk begeleidde ik ze daar ook bij. de rest van de klas ging aan de slag met de door mij gegeven opdracht: schetsen van hun eigen ontwerp van hun lichtbak. Ik gaf eerste enkele voorbeelden van lichtreclame. Ik gaf bijvoorbeeld als voorbeeld: het open bordje in een bar, kroeg of restaurant. Gelijk kreeg ik het commentaar dat een gedeelte in de klas Moslim is en niet uit mag dus dit voor hun niet relevant was. dat is opzich leerzaam geweest. Ik had daar idd geen rekening mee gehouden. Gelukkig had ik ook nog andere voorbeelden, waarin ze zich wel konden vinden.

tijdens de uitleg waren soms de leerlingen roemoerig, maar ze dachten wel goed mee (gaven bijv. goede voorbeelden van lichtreclame). tips docent: - zorgen dat iedereen helemaal stil is voor je verder gaat met je uitleg. - het belangrijkste bij uitleggen is interessant vertellen, was dat zo geweest, dan zou je dat meteen gemerkt hebben aan irritatie in de klas. Dat kwam weinig voor dus daaruit kan ikzelf concluderen dat dit dus wel goed ging. - begeleiding ging goed. Donderdag 3 Februari 2011 PDT 3.3 Cluster 2 B3AB-K3CDEF Klas 3 lokalen 1.17 1.18 0.13

Docent geeft punten terug aan de klas en legt het een en ander uit (30 minuten).

daarna mag ik weer met de leerlingen aan de slag met het plotten. Voor de leerlingen die klaar waren, maar niet goed genoeg hun plot-opdracht hebben uitgevoert, moeten deze nogmaals over doen. Dit is een beslissing van Guido waar ik het ook mee eens ben. Als er leerlingen echt klaar zijn (en de opdracht goed hebben gemaakt), dan kom ik individueel even de volgende opdracht doornemen. Ze mogen beginnen met schetsen: ze mogen in een vak (dat ze eerst zelf moeten gaan tekenen) van 180 mm bij 140 mm, een schets maken voor hun ontwerp dat we gaan plaatsen op de lichtbak. In het ontwerp moet het duidelijk zijn dat er reclame wordt gemaakt voor de leerling zelf. Siham houdt bijvoorbeeld van strikjes in haar haar, tas of verwerkt in haar oorbellen. Kortom strikjes horen bij haar. Er moet eerst naar hun stijlkaart gekeken worden (opdracht die ze aan het begin van het jaar hebben moeten doen: dingen de ze aanspreken en onderling bij elkaar passen, uitknippen en plakken op papier), en dat als inspiratie gebruiken. Ze wil graag strikjes in haar ontwerp hebben of schoenen, want daar houdt ze ook van. Maar natuurlijk moet ook haar naam vermeld worden. De opdracht is deze twee samen te voegen in n logo. Bijvoorbeeld de naam Siham, met als A of I een strikje. Maar ook de letter A zou een schoen kunnen zijn. Ook het lettertype moet een mooi lettertype zijn van dafont of een eigen ontwerp. Dit zien we nog niet echt terug in de eerste ontwerpjes. Ze maken te moeilijke schetsen die onmogelijk zijn te plotten. Ook zijn de lettertypes gewoon dunne tekenlijntjes (zonder over dikte, vorm etc. na te denken), niet van dafont of zelf ontworpen. Ook de extra toevoeging van de dingen die wat over ze zeggen hebben nog niks te maken met de tekst. Ook wordt over kleur nog niet echt nagedacht. Kevin kevin heeft geen idee van wat hij moet maken. Ik vraag hem zijn stijlkaart er bij te pakken. Ik geef hem tips en ideen. Uiteindelijk komt hij ook met een eigen inbreng. Zijn 2de schets is een combi van zijn eigen idee en die van mij. Het is leuk om te zien dat hij echt iets met mijn tips gedaan heeft. Hij is nu goed aan de slag. hij is nog wel wat onzeker en beweerd dat hij niet kan tekenen. Ik ontken het en vertel hem dat ik het super tof vindt dat hij helemaal zelf een gekko getekend heeft, zonder een voorbeeld voor zijn neus, maar helemaal uit het hoofd. Dit motiveerd hem nogmaals om bezig te blijven en af en toe te vragen of het nog steeds goed is wat hij doet. Ook in Illustrator heeft hij alles snel door. Gelukkig is er ook altijd nog Remco die hem daarbij kan hlepen. Uiteindelijk krijg ik ook een heel verhaal over waarom hij die gekko getekend heeft. Hij heeft namelijk thuis 2 gekkos als huisdieren. Remco verteld dan dat hij thuis 4 slangen heeft en zijn broertje een vogelspin. Ik zeg hem dat ik bang wordt van de gedachte alleen al, en dat ik het stoer vindt dat hij die op zijn kamer druft te hebben. Dan komt Pamela langs om te vertellen dat ze net een Kitten heeft gehad van haar ouders. Remco en Kevin vinden dat iets te veel een meisjes huisdier. Goran Goran wil maar niet beginnen. Ik ben uiteindelijk een beetje uit gaan zoeken (door vragen) wat hem allemaal bezig houdt. uiteindelijk merk ik dat het geen zin heeft en laat hem express even met rust. Na 5 minuten kom ik weer even langs. Nu teken ik wat voor hem om te kijken of hij dat leuk vindt. Op dat moment gaat er een knop om bij Goran. Hij weet ineens precies wat hij wil maken en begint met schetsen. Helaas houdt Lieke hem regelmatig van zijn werk af. Pamela Pamela probeert mij een beetje uit. Ze zegt steeds hardop dat het niet lukt en vraagt dan met grote zielig kijkende ogen naar mij en vraagt dan of ik het voor haar kan doen. Ik ben natuurlijk niet gek. Haar allereerste schets van een schoen was al door mij gedaan. Uiteindelijk gaf ik haar de tip hem op

het raam (als lichtbak) over te trekken. Uiteindelijk kwam ze trots het resultaat showen. Ik gaf Pamela een compliment over het feit dat het haar helemaal zelf gelukt was. Zie je wel dat je het zelf kan!. Sieme Sieme loopt goed voor. Dat komt omdat hij bij de open dag aanwezig was en al heel wat gedaan had. Ik liet aan de rest van zijn groepje zien hoe het er uit komt te zien, met zijn stickers als voorbeeld. Ze waren allemaal onder de indruk en gingen hard aan het werk. Ik hoop dat Sieme met deze actie door heeft dat hij super goed bezig is. Yassin Yassin doet altijd moeilijk. Ook vandaag weer. Hij loopt de hele tijd door het lokaal en houdt anderen van het werk. Ik heb al verschillende keren er wat van gezegt, maar dan is hij steeds maar heel even stil. Uiteindelijk gaat hij aan het werk, maar doet hij het verkeerd: veel te veel detail. Ik wijs hem daarop en Yassin reageert geriteerd tegenover mij. Hij probeert nog even bij meneer augustijn of hij het wel goed vindt, moor ook hij zegt hetzelfde als ik. Yassin besluit eerst nog maar eens 5 minuten door de klas lopend te zeuren over het feit dat zijn schets niet goed is en hij geen zin meer heeft. Yassin gaat uiteindelijk als iedereen hem negeerd weer verder met zijn schets. Hij past hem aan, maar Guido vindt het nog steeds niet goed. Guido besluit hem even bij zich te halen en te helpen. Uiteindelijk heeft Yassin het door. Hij is goed bezig en voor ik het wist zat hij al achter de PC in Illustrator zijn schets uit te werken. Seda Seda houdt Goran van zijn werk, maar ook de andere Seda (spreek je uit als scheeda). Ze is steeds verkeerd bezig en roept steeds niet te weten wat ze moet doen. Guido geeft haar een knuffelbeest: Ga deze maar even natekenen. Ze doet dit braaf, maar vindt dit helemaal niks. Ze gaat zelf op de PC zoeken en komt uit op Hello Kitty. Uiteindelijk gebruikt ze Hello Kitty in haar ontwerp.

Ik heb vandaag ook een sociogram gemaakt:

tips docent: - alles ging goed, ga zo door. - laat het werkje van Sieme aan heel de klas zien: motiverend voor de hele klas. Donderdag 10 Februari 2011 PDT 3.3 Cluster 2 B3AB-K3CDEF Klas 3 les ging niet door doordat Guido ziek was. lokalen 1.17 1.18 0.13

Donderdag 17 februari 2011 PDT 3.3 Cluster 2 B3AB-K3CDEF Klas 3 lokalen 1.17 1.18 0.13 leerlingen gaan verder met hun schets. De eerste 5 leerlingen mogen naar Joost van der Hoven om te beginnen aan hun lichtbakje (techniek) Sieme, Donna, Seda (Sahin), Lieke en Yassin. Ik help de leerlingen die bezig zijn met de schets met ideetjes. Daarbij corrigeer ik daar waar dat nodig is. Ik waarschuw de leerlingen dat ze om 1 uur klaar moeten zijn met hun getekende (uiteindelijke) schets. Daarna moeten ze echt bezig zijn met hun opdrachten in Illustrator. Ook komt mijn FCD-er langs tijdens mijn eerste uur met deze klas. De tips die ik onder andere van hem gekregen heb probeer ik toe te passen. tips docent: - aandacht beter verdelen - niet alles voordoen, laat leerlingen ook even vast lopen. - om competentie te halen: leuke voorbeelden om leerlingen weer te motiveren. (eventueel digitaal) Commentaar FCD-er: - armen over elkaar is voor de leerlingen een gesloten houding geen armen over elkaar meer. - zorg dat iedereen met kauwgom zijn kauwgom heeft weggegooit als we beginnen met de les (Guido en ik hebben dit allebei niet gezien) - zorgen dat alle tassen van tafel zijn.

- aandacht beter verdelen. - niet alles voordoen. - vanaf bureau vragen beantwoorden, zo heb je meer overzicht in de klas. - nog meer complimentjes geven aan leerlingen, want dat werkte vandaag ook goed als motivatie. - zorg dat als Goran je niet aan kijkt, hij dat wel gaat doen als je met hem praat. Je kunt dat doen door dat te vragen. - laten zien dat jij docent bent als een leerling boos wegloopt als je hem of haar ergens op aan spreekt. - Je praat luid en duidelijk. - je hebt een rust over je prettig voor leerlingen - Het is knap dat als je 18 bent je toch zo goed functioneerd als docent voor een klas van 16 e 17 jarigen. - Je kunt goed overweg met de leerlingen. - Je hebt zelf precies door wat je fout doet en reflecteerd dus goed. Guido: je gaat goed om met commentaar je ziet gelijk dat je eraan werkt. Donderdag 24 februari 2011 PDT 3.3 Cluster 2 B3AB-K3CDEF Klas 3 lokalen 1.17 1.18 0.13 De motivatie is weer een beetje weg. mijn oplossing (ook tip van de docent, zodat ik zo de competentie haal): powerpoint met voorbeelden. De voorbeelden bevatten onderwerpen die de leerlingen leuk vinden, de docent, maar ook ikzelf leuk vindt (ook kunstenaars zoals Bruce Nauman). Aan het begin letten de leerlingen nog goed op, bij het laatste shot begint seda op de tafel te timmeren. Gelijk doet de rest van de klas mee. Ik spreek de gehele klas aan op dit gedrag. Ik merk al gauw dat dit niet werkt maar dat ik Seda aan moet spreken. En inderdaad. Seda is stil en nu gelijk ook de rest van de klas. Dat zegt opzich veel over Seda. Seda is dus populair in de klas, en de klas doet gerust mee met Seda om zo in de smaak te vallen bij haar. Een enkeling zoals Donna staan hier boven en doen hier niet aan mee. Ik heb Seda daarna nog enkele keren moeten aanspreken op haar gedrag, maar werd na de uitleg en powerpoint weer stil. De motivatie was wel compleet weg bij Seda en ik heb haar meerdere keren erop gewezen dat ze echt verder moet gaan ipv van kletsen en voor zich uit staren. Gelukkig geeft ze naar veel zuchten en steunen gehoor aan mijn vraag: ze werkt verder aan haar ontwerp in Illustrator. wat wel balen was was dat de computerruimte vol zat, maar bijna de hele klas een pc nodig had. Het resultaat was dus dat de leerlingen verspeid un het gebouw zaten en ik steeds heen en weer moest lopen. Toen heb ik besloten elke 20 minuten ergens anders geen te gaan. Zo kan ik iedereen begeleiden. Amira bijv. weet weinig van Illustrator, haar heb ik 5 minuutjes even de basis dingen uitgelegd. Haar beste vriendin in deze klas, Nouhila kent het programma wel goed. Ik vraag aan Nouhila, of ze als dat nodig is, Amira zou kunnen helpen. Deze 2 dames zitten namelijk toch al bij elkaar in 1 lokaal, ik heb het heel erg druk met op en neer lopen en ik wijs Nouhilla erop, dat zij het al goed onder de knie heeft en daarom best wel even als dat nodig is Amira kan helpen. De twee dames stemmen hiermee in. af en toe nam ik wel even een blik door het raam om te kijken of de dames niet gezellig aan het kletsen waren, maar echt bezig waren. Gelukkig waren ze idd goed bezig. In het officiele computerlokaal (0.13) waar een groot gedeelte van de leelringen zat, hoefde ik weinig te doen. Stagiare Vicky liep namelijk ook rond in dat lokaal en is een pro in Illustrator. Ze melde mij al dat ze het helemaal niet erg vondt om naast haar eigen klasje ook even mijn leerlingen in dat lokaal te helpen. Natuurlijk kwam ik wel af en toe langs om te kijken hoe ver ze waren.

Helemaal bovenin in het gebouw (in de tussenlokalen met pcs) waren ze super hard aan het werk. Donna was al bijna klaar en heeft alles helemaal in haar eentje gemaakt na mijn korte uitleg over het pennetje en Illustrator in het algemeen. Ik heb dat natuurlijk ook tegen haar zelf gezegt dat ik het supr goed van haar vondt. Siham en Saar liepen helaas vast. Siham en Saar hadden allebei nog nooit met Illustrator gewerkt en ook na mijn uitleg (en voordoen) merkte ik dat ze het niet helemaal snapte. Ik besloot even bij de dames te gaan zitten. Ik deed het nogmaals voor en hielp ze met hun acties in dit programma. Ik deed het strikje maken bijv. voor Siham voor (op verschillende manieren). Uiteindelijk meost ze het zelf proberen. Soms verliep dat niet echt lekker, maar naar een paar keer oefenen merkte ik dat ze het door had. Ik heb haar ook geholpen met het bedenken van nog iets extras, want ze merkte zelf al op dat alleen een strikje een beetje saai was. aangezien ik Siham en Saar het net over de Primarc en shoppen hadden kwam ik op het idee: sieraden. Een parelketting leek haar wel leuk. Het begin maakte ik voor haar, maar de rest moest ze echt zelf maken. Naast het helpen van Siham en Saar hadden we ook leuke gesprekken. Siham en saar die helemaal aan het begin van mijn stage erg afstandelijk deden tegeover mij waren nu volop aan het kletsen over geloof, hobbys, muziek en schoolse dingen. Geloof bijv. : ze hadden het over hun geloof en maakte de opmerking dat ik dat waarschijnlijk niet snapte. Ik legde ze uit dat wij bij kunstgeschiedenis niet alleen kunst te zien krijgen die te maken heeft met het christendom, maar ook islamitische kunst behandelt hebben. daarnaast horen wij ook de verhalen uit de Koran, aangezien die info belangrijk is voor Islamitische kunst. Ze stonder er van te kijken dat ze mee konden praten over een geloof dat bij hun paste en niet bij mijzelf. Ook hadden we het over shoppen. Ze vonden het leuk om te horen dat ik ook wel eens naar de Primarc ging. Ook kwam ik laatst tijdens het shoppen in breda Siham tegen (werkend bij een winkel). Daar hadden we ook wat staan kletsen. Siham vertelde dit trots aan saar. Ook muziek werd besproken. Zij lieten mij (na het netjes eerst te vragen) een liedje horen op YouTube met een Marokaanse zanger. Saar was hier helemaal gek van. Ondertussen waren Eline en Jay (uit de andere PDT klas op vrijdag) binnen komen lopen. Ze hadden engels en moesten hier hun werkstuk afmaken. Uiteindelijk kwam de vraag van Siham: Wat voor muziek vindt u leuk? Ik liet ze wat liedjes horen van bands en muzikanten die ik gaaf vondt. Een van de nummers sprak ze wel aan: Paramore. Gelijk voegde Jay en Eline zich bij het gesprek. Want Elines favo bandje was Paramore. Uiteindelijk heb ik ze allemaal wel weer aan het werk gezet. Want dat moet ook gebeuren. Wel was het wel even leuk om je te verdiepen in dat wat de leelringen leuk vinden. Het grappige was om te zien dat leerlingen het vaak raar vinden als je dezelfde dingen doet als de leerlingen. Dat kan toch niet? Want dat is een docent. En docenten zijn gewoon docenten. uiteindelijk kreeg ik de positieve feedback van allebei dat ze mij een hippe jufrouw vonden. Tips docent: - hij vroeg hoe het ging. Ik vertelde dat ik tijd verdelen over de vele lokalen moeilijk vondt, maar dat het wel gelukt was. Hij vertelde mij dat dat inderdaad een situatie is die lastig kan zijn. Ik vertelde wel dat er een aantal bijna klaar waren. Dat vondt hij goed om te horen. Dus dat betekend dat ik zo door moet gaan.

Bijlage 8

Bijlage 9

Extra bijlages

[[

FORMAT LESBRIEF ]]

[Titel van de lesopdracht , is het een cyclus vermeld dan ook het deel]

[Kies voor een sprekende afbeelding bv. een afbeelding die de aandacht trekt of nieuwsgierigheid oproept]

Inleiding

Oproepen van voorkennis O ja gevoel geeft ll meer zelfvertrouwen en motivatie om door te lezen. Inleidend verhaaltje zou vlot geschreven moeten zijn, trigger en informeer.

Opdracht omschrijving

Geef een korte omschrijving van de opdracht. Wat, Hoe en Waarom staan centraal. Schrijf zoals je spreekt tijdens je doceermomenten, kopieer geen teksten van andere en verklaar moeilijke woorden.

Fase/ Lesopbouw

bv.

Brainstorm/ inlezen /film kijken/ gastles Ontwerpfase/ schets/ oefenen Uitwerking van de opdracht Presentatie [archiveren/ presenteren/ inleveren]

Omschrijf het tijdspad

Lesverloop of maak een stappenplan

Lijstje van materialen

Lijstje met technieken

[eventueel met verklaring van de woorden]

Cijfergeving / beoordeling

beoordeel alle fase in de lesopbouw Geef de waarde vast in de lesbrief aan bv. Brainstormfase 1x Ontwerpfase 2x

Pay off

In een kort zinnetje een leuke motivator/succeswens

Tips m.b.t. lay-out

Grote header [title/kopregel]. Plaats belangrijke tekst in een panel [ omrand (kleur) vlak. Liever een kleiner lettertje met een ruime regelafstand dan te grote letters. Nooit groter dan 11 pnt. in leestekst [Suggestie: Arial 10, Calibri 10, regelafstand 1.5] Verduidelijk met afbeeldingen..niet meer tekst dan nodig is. Gebruik steeds dezelfde lay-out bij je vak. www.Verstoplinksinjelesbrief.nl [uitdagend]en verwijs daarna tijdens het verloop van de les.

[Plaats een voetnoot,

1. Het ziet er professioneel uit . 2. De naam van de school en het vak leiden niet af van de lestekst en afbeeldingen]

Letters.
Naam:
Maak de vragen op het toetsvelletje, succes! Pen, Potlood, Gum en Liniaal

PDT / Vormgeven

Toets Klas:

Communicatie: Vraag 1A Hoe kun je Visueel Communiceren, doormiddel van ____________________________________________________________________________ Vraag 1B Vul in Vormgevers zorgen ervoor dat ____________ en advertenties en ____________ er goed, mooi origineel en duidelijk uitzien.

Vraag 2 A

Hoe werd er ongeveer 3000 jaar geleden gecommuniceerd? ____________________________________________________________________________

Vraag 2 B

De Egyptenaren waren de eerste die een soort schrift uitvonden. Hoe heet dat schrift? ____________________________

Vraag 3

Geef een ander woord voor pictogrammen ____________________________

Vraag 3 B

Waarom denk je dat er op bijvoorbeeld vliegvelden en treinstations veel pictogrammen gebruikt worden?

____________________________________________________________________________ ____________________________________________________________________________ _____________________________ . Karakter/lettertype: Vraag 4 A Lettertype hebben karakter, wat wordt er hier bedoeld ____________________________________________________________________________ Vraag 4 B Wat is het verschil tussen schreefloze en schreefletters ? _____________________________ Volgende bladzijde!! Vervolg Vraag 4 C Omcirkel alleen de schreefletters.

B A
Vraag 5 A

f h G CDE
z

Wat is het verschil tussen en Manuaren en Schripten? ____________________________________________________________________________

Vraag 5 B

Waarvoor zou je fantasieletters kunnen gebruiken, geef 3 voorbeelden - ___________________________ - ___________________________ - ___________________________

Letterstijlen Vraag 6 PDT Omcirkel CURSIEF PDT PDT Omcirkel BOLD PDT PDT -

PDT
PDT PDT

Omcirkel CONDENSED Omcirkel ROMEIN

PDT PDT

PDT
PDT

Vraag 7 A

Wat is een ander woord voor contrasten ________________________________________________________________________

Vraag 7 B

Noem 3 verschillende lettercontrasten -______________________________ - ______________________________ - ______________________________

Vraag 7 C

Teken een vormcontrast met je voornaam en je achternaam

Einde toets

ICT/ADM
PDT DISPLAY klas 4

Door de school liggen regelmatig CJP boekjes verspreid, deze liggen in een display. Een display die niet echt opvalt. Dit kan jij vast beter, daarom gaan we de komende weken een display voor deze boekjes ontwerpen. Maar voor je gaat ontwerpen moet je eerst wat vooronderzoek doen, hoe weet je anders wat je precies moet gaan maken.

Wat is een display? Display is een Engels woord, in het Nederlands betekend het letterlijk tentoonstellen of uitstallen. Dit is ook precies wat je met een display doet. Een display is een object waarin je producten presenteert en meteen opbergt. Een display zorgt ervoor dat je geordend producten neer kunt zetten in een winkel.

Vooronderzoek Je gaat je vooronderzoek maken doormiddel van een verslag en een stappenplan (opdracht1-2-3-).

Opdracht 1:
Wat is CJP? Ga opzoek naar informatie over CJP schrijf in je eigen woorden wat het volgens jouw is (dus niet knippen en plakken van internet).

Opdracht 2:
Wat is een doelgroep? Een doelgroep is een deel van de bevolking waarop jij je met je winkel, product, reclame op richt. Bijv. de doelgroep van een autoverkoper zijn mensen met een rijbewijs, dus mensen boven de 18. Wat de doelgroep van CJP, en waarom?

Opdracht 3:
Op de website van CJP zie je verschillende onderwerpen staan zoals; muziek, film, enz. Een aantal herken je misschien wel van CKV. Kies n onderwerp uit en gebruik dat onderwerp als thema voor je display, vertel kort waarom je deze wil gaan gebruiken. ________________ _______________________________________________________________________ .

Maak een print screen van de startpagina van de CJP website, voeg deze toe aan je verslag.

Opdracht 4:
Wat is een display? Vertel in je eigen woorden wat een display is en zoek een plaatje van een display.

Opdracht 5:
Een display heb je in verschillende maten. Grote die op de grond staan met veel producten erin en kleine die je vaak op de toonbank in een winkel ziet staan. De foldertjes van de display zijn klein dus je gaat hiervoor een toonbank display maken maar hoe laat je deze opvallen.

Brainstorm [ zie Bijlage/lesbrief ]


Maak een brainstorm voor je display, verzin hoe je ervoor gaat zorgen dat iemand folders mee neemt uit jouw display.

Wat is brainstormen ook al weer? Brainstormen is een manier om zoveel mogelijk ideen uit jezelf los te krijgen. Zodra je deze op papier gaat zetten merk je vanzelf dat er meer ideen volgen. Brainstormen is de fase die komt voordat je werkelijk een opdracht gaat maken. Bij brainstormen maakt het nog niet uit of alles heel erg netjes getekend of geschreven is, het gaat om de ideen.

Waar opletten bij mijn display? - Je display moet opvallen maar niet omvallen, let op stevigheid. - Niet te groot, anders staat je toonbank helemaal vol. - Folders moeten makkelijk uit de display te pakken zijn. - Het CJP logo moet verwerkt worden in je ontwerp.

Display ontwerp/schets

vermeld maten en materiaal!

Opdracht 6:
Werk je display uit met behulp van: Adobe Photoshop of Adobe Illustrator of Sketch Up.

Zorg voor een moodboard (sfeerpresentatie/stijlkaart)

Daarop zijn al je inspiratiebronnen en je gekozen thema te zien. Ook word het duidelijk welke kleuren je gebruikt en eventueel welke vorm je display gaat krijgen. Je uiteindelijke ontwerp presenteer je 2D op A3formaat. Neem hiervoor een stuk foamkarton.

Voorbeelden: Moodboard Planning wk: 1 2 3 4

foam karton

Display Start opdracht, vooronderzoek Schetsen maken moodboard /stijlkaart Uitwerken van je ontwerp op de pc en werkbespreking met je docent Uitwerken van je ontwerp op de pc, proefprint maken. Uitwerken van je presentatie Presentatie en verantwoording van je ontwerp

Cijfergeving:

1x 2x

Ontwerpfase en vooronderzoek Moodboard en Presentatie display

Handvaardighe Toets / textiel id


Naam__________________________ Klas__________ Wat betekent het woord TEXTIEL? ___________________________________________________________________________________________ 2 ___________________________________________________________________________________________

Waaruit bestaat textiel? ___________________________________________________________________________________________ 2

De ontwikkeling van spinnen en weven van katoen is vanaf _____________ v. Chr. in Egypte begonnen.

Wat is de belangrijkste dierlijke vezel? ___________________________________________________________________________________________ 2

Hoe maak je een doek, met welke technieken? ___________________________________________________________________________________________ 2

Hoe verbind je textiel? ___________________________________________________________________________________________ 2

Wat heb je geleerd van de excursie naar het textielmuseum? ___________________________________________________________________________________________ 2 ___________________________________________________________________________________________ ___________________________________________________________________________________________

Wat is de nieuwste techniek om textiel te knippen/snijden? ___________________________________________________________________________________________ 2

Laat zien dat jij weet hoe het moet! Maak twee stukjes stof aan elkaar vast, door middel van naald en draad te 4 gebruiken. Schrijf op de lapjes stof je naam, please vergeet dit niet.

Totaal zijn er 20 punten te behalen!

Veel succes!

Centres d'intérêt liés